De gebeten hond

Keek op de Week (46)

In het dorp zit niet zomaar een bloemist maar een heel tolerante. Opgevoede honden mogen mee naar binnen. Vroeg me ernstig af wat onder “opgevoed” valt.
Rosa zag namelijk bloemenvaas zonder bloemen maar met water en begon er uit te lebberen.
‘Logisch,’ zei bloemist, ‘zoiets lekkers krijgt ze thuis niet.’

Ik toetste nummer in en hield telefoon tegen m’n oor. Schonk heet water in een mok, zette waterkoker terug en stootte de gevulde mok om. Het aanrecht klieder. Water droop langs keukenkastjes naar beneden. ‘Kut,’ zei ik en tegelijkertijd werd er opgenomen, wat mij geenszins verbaasde.
Wat doen? Ophangen en terugbellen?
Ik besloot ‘Sorry,’ te zeggen. ‘Ik stootte iets om en nu heb ik overal lekkage, ’ verklaarde ik mijn uitspatting.
‘Kan gebeuren,’ zei onbekende mannenstem. ‘Dit was een begrijpelijke uitroep van frustratie. Ik vat het dan ook niet persoonlijk op.’
Werd bijna euforisch van begrip en coulance van medewerker. Dergelijke flexibiliteit is bij Klanten”service” tegenwoordig uitstervend begrip.

Stond te wachten op bestelling van Roos. Ze had een nieuwe winterjas uit ander filiaal  laten komen.
Een dunne jongen van een jaar of tien trok een trui over zijn hoofd.
‘Veel te groot,’ zei zijn moeder ‘Trek maar weer uit. Moet je meer komkommers eten.’
‘Komkommers?’ vroeg verkoopster. ‘Daar word je niet dik en sterk van, hoor knul.’
‘Dat is het enige wat hij lekker vindt,’ zuchtte z’n moeder. ‘En iedereen maar denken dat-ie thuis niks te vreten krijgt. ‘

Joris heeft vreselijke eigenschap: alles met mate. Ik hoor het hem zeggen. Pakt een zak pepernoten, eet vier stuks op, en bindt zakje weer dicht.
Een geluk dat ik geen suiker meer eet. Had anders zak uit z’n handen gegrist en soldaat gemaakt.

Ruzie gekregen in de polder.
Zwarte herder met blikkerende tanden rende Rosa en mij tegemoet. Beest hapte in Rosa’s flank die jankend van angst op hol sloeg. Herder zette achtervolging in. Ik riep Rosa; ze kwam terug. Herder beet in haar achterpoot.
Sloeg met ballenwerper 2 x op herdershondenkop. Beest hield van verbazing op met grommen, en ik greep ‘m bij z’n halsband.
Eigenaar had tot dan toe geslaapwandeld, werd ineens wakker en steeg op van nijd. Sprak gebrekkig Nederlands maar vloeken en schelden kon-ie als de beste. Fulmineerde met consumptie.
‘Pak uw hond anders verkoop ik ‘m nog een hijs!’ zei ik pissig.
Kerel schold me de vinkentering maar pakte toch z’n hond.
Had indruk dat man gedronken had. Leek me verstandig me zo snel mogelijk uit de voeten te maken uit de toch al weinig knusse omgeving.
Kerel wierp me een vuile bik toe – gelukkig wel een léég bik – en riep dat ik respect voor hem en z’n hond moest hebben.
Respect…moet je dat niet eerst verdienen? En waarom beginnen aso lui er altijd als eerste over?
Liep hard weg en berispte Rosa. ‘Trek jij voortaan je bek open! Die is groter dan de mijne.’ Hond keek me aan met fluwelen ogen en kon in haar zieltje kijken: er zit geen greintje kwaad… Jammer, hoor (-:

Gekoer

Keek op de week (45)

PostNL-bezorger stond voor de deur. ‘Voor wie moet ik het meest bang zijn? Voor de hond of het konijn?’ gebaarde hij naar waarschuwingsbordjes voor het keukenraam.
‘Voor het konijn,’ zei Roos. ‘Als ze je niet aardig vindt, bijt ze in je hielen.’
‘Is het een dwergkonijn?’
‘Nee, een Franse hangoor van 7 kilo.’
Bezorger was zichtbaar onder de indruk.

Liet Rosa uit en hoorde gekoer. Keek in geparkeerde auto en vroeg aan man die lage horizontale bakken stond in te laden: ‘Hoeveel duiven zitten daarin?’
‘Twaalf. Elke duif heeft twee luchtgaten,’ wees hij.
‘Waar brengt u ze naartoe?’ interviewde ik verder. Kerel scheen geen last van mijn grenzeloze nieuwsgierigheid te hebben.
‘Ik breng ze naar een centrale vrachtauto en die brengt ze vannacht naar Frankrijk.’
‘Het gaat vannacht hard waaien,’ zei ik zorgelijk.
‘Haha, u maakt zich ongerust over mijn duiven?’
Voelde me gebelgd.
‘Ik laat ze nooit boven open zee vliegen, hoor,’ zei duivenmelker geruststellend.
‘Komt er wel eens een duif niet terug?’
‘Kan altijd gebeuren. Dit jaar één duivin. Die vloog tegen de lichtmast.’ Hij knikte naar de hoge palen van plaatselijke tennisvereniging.
‘Behouden vlucht!’ groette ik ten afscheid.
Man zag mij toevallig anderhalve dag later lopen. (Hond moest wéér uit.) Hij stopte z’n auto en draaide raampje open. ‘Alle duiven zijn binnen, hoor!’

Droomde dat ik in m’n nakie over Coolsingel liep. (Ik, die nog liever doodga dan me in een sauna zal begeven.) Kocht in Bijenkorf een Chinese vaas waar ik m’n armen omheen sloeg om m’n voorkant mee te bedekken.
Werd wakker en dacht: waarom kocht ik geen badjas?

Zin in gratis toegang tot het museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam? Wie zijn vuile was meeneemt mag tot en met 23 december kosteloos de collectie bekijken. In het museum staan diverse wasautomaten en een droger. Twee vrijwilligers bekommeren zich over je was. Dit is géén fakenieuws. Het is een project van een sociaal ontwerper zodat “vreemden met elkaar in gesprek gaan.”

Een eenrichtings-kennis had klankschaal nodig. ‘Hoe gaat het? Ik heb vorige week een dag migraine gehad; ben er nog slap van. Je kent me, ik ben een doorpakker, hè? Vannacht slecht geslapen. Zeker een uur wakker gelegen, pfff. Zie je m’n wallen? Heb jij nog je hulp? Zou voor mij ook een uitkomst zijn, maar ja, ik kan er slecht tegen als vreemden aan m’n spullen zitten. Heb het héél druk gehad in de vakantie. Ons Franse huis acht weken verhuurd. Al het schoonmaakwerk kwam op mij neer. En dat met mijn rug. Een martelgang van jewelste. Maar ik kachel door, hè? Vandaar die migraine. Zullen we volgende keer iets afspreken? Wat komt jou uit? Heb het nu echt te druk. Moet opschieten. Nou doei!’
Ik had tot dan toe gezwegen en heb dat volgehouden Had anders: ‘Een vrijdag in 2030,’ gezegd.

Boeventronie

Keek op de week (44)

Hiep Hiep! Roos kreeg haar bachelor bul (en Honours class certificaat) uitgereikt aan de EUR (Erasmus Universiteit Rotterdam.) Het was een aanslag op het zitvlees van opgetrommelde familie, maar voor iedere geslaagde werd tijd gemaakt voor persoonlijk praatje. De afgelopen drie jaar zijn om gevlógen. Kind zit alweer tot over haar oren in haar Master studies.

♥ Een die-pet-past-ons-allemaal-momentje met Opa Kakelbont ♥

‘Ben voor derde week achter elkaar gecontroleerd met zelfscan bij Jum.bo,’ klaagde Man getergd. ‘Waarop baseren ze die controles?’
‘Misschien op bedrag,’ suggereerde Roos.
‘Of de scan zelf?’ opperde Man.
‘Leg je er nou maar bij neer, schat,’ zei ik, ‘Je hebt gewoon een boeventronie.

Klant voor me deed diepgravend onderzoek. Helft van wijsvinger verdween in haar reukorgaan, waarna opbrengst met smaak bekeken werd.
Drogistmedewerkster Carrie wisselde blik van afgrijzen met mij. Ze herstelde zich snel. ‘Wilt u een tissue?’ vroeg ze aan klant en haalde doos onder toonbank vandaan.
‘Nee, ik wil pinnen,’ zei klant op professionele zeurtoon.
Aldus geschiedde.
Simultaan keken wij de klant na.
‘Wat een smeerkezerij! Mensen schamen zich tegenwoordig nergens meer voor,’ zei Carrie met een rilling. ‘Ik heb niets aangeraakt maar neem toch een druppel. U ook?’ Ze pakte flacon desinfecterend middel, deelde druppel uit en wij wreven ons in de handen.
Carrie kon de neuspeuterende klant niet verwerken.
‘Neem een Valdispert van jezelf,’ wees ik naar haar eigen voorraad. ‘Het is niet te hopen dat ze je met die vinger een kaartje stuurt als ze boven is.’
Carrie – slap van de lach –  hield zich met twee handen vast aan toonbank.
‘Zal ik je de rollator brengen (een show-model, red.) dan kun je er even bij gaan zitten?’
‘Hoeft niet,’ schaterde ze, ‘lachen is het beste medicijn. En leve de uitvinder van het contactloos pinnen!’
Daar namen we nog een druppel op.

Van betonmoeheid weten wij allen het bestaan. Maar bestaat er ook zoiets als porseleinmoeheid? Of serviesmoeheid? Zonder ze uit mijn handen te laten vallen of te stoten, sneuvelden twee schoteltjes. Scherven brengen geluk. Ik kan niet wachten.

Was m’n enkelsokken kwijt. Geen reden tot harikiri want heb meer sokken, maar waar konden ze zijn? Sinds wanneer deponeren meelevende huisgenoten míjn vuile sokken in wasmand? Zou in boek van records mogen.
Vond ze terug tussen Rosa’s “speeltjes.” Ze had genoeglijk op sokken liggen kauwen terwijl ze uitkeek over straat waarop zij alleenheerschappij bedingt.
Joris sprak lovende woorden: ‘Dat dat beest niet in coma is geraakt…’
Dat terwijl er maar één persoon in dit huishouden zweetvoeten heeft en deze van het mannelijk geslacht is.

Zijn er nog lezers die zin hebben in een authentiek Nederlands spel? Doe dan mee met het SinterPieterklaasspel! Kennis van zaken is overbodig. Raadsels en rebussen oplossen is het devies. Zet je schoen klaar en start het 1e spel op 25 november. Geef je hier op!

Schrijfles

Keek op de week (43)

Droomde dat ik schrijfles gaf. Geen idee wier domme idee dat was. Moest voor de klas op verhoging staan. Ellendig was dat. Het was ook nog liefdewerk oud papier. Ik leek wel gek.
Weerstond aanvechting weg te lopen. Moest in droom denken aan uitspraak van Churchill: “Succes is de eigenschap om van de ene mislukking naar de andere te gaan, zonder je enthousiasme te verliezen.”
Stond versteld van mezelf. Had e.e.a. voorbereid en deelde in klas stencils uit (bestaat dat woord nog?) over schrijfstijl, stukjes met kop/staart, iets over observerende blik…
Iemand vooraan keek me met strakke blik aan. Begon plots “boe” te roepen.
Daar had je het gesodemieter al!
Weldra volgden meer boe-roepers.
Moest handelend optreden voor ik rode vlekken in nek kreeg. Dacht: stik de moord, en riep vol bravoure: ‘Alle boe-roepers eruit of ik eruit. En ik blijf!’
Kreeg toch vlekken: wat als ze bleven zitten?
Allen verlieten echter zwijgend de ruimte.
Zat daarna ineens met rest van gezelschap op zonnig terras aan zee dat “De Vrijbuiter” heette.

Ze waren afgeserveerd maar wij gaven vijftig stuks een tweede kans. Voorzagen ze van een droge, warme plaats. Eenmaal losgelaten kregen ze op tijd natje, en droogje in de zon. Ze genoten van vrij leven in buitenlucht. Een enkeling gaven we cadeau. De rest zocht één voor één eigen weg. Vijftig tennisballen. En stuk voor stuk zoekgemaakt door Rosa. Een mens zou er emotioneel van worden.

Wilde afspraak met huisarts maken.
‘Is nogal druk,’ zei assistente. ‘Mag het bij co-assistent? Nadien komt huisarts kijken.
Voor gesprek werd halfuur uitgetrokken. Na tien minuten was de zaak rond. Wat doe je als je neus al leeg is? Je knoopt een gesprek aan.
‘Heb je altijd arts willen worden?’
‘Nee, heb lang getwijfeld. Ben geneeskunde gaan studeren omdat het een interessante studie is.’
‘Word je huisarts?’
‘Weet ik nog niet.’
‘Eerst je snuffelstages afmaken,’ grapte ik.
‘Jahaha. ‘Wil waarschijnlijk verdergaan in chirurgie of gynaecologie.’
‘Ik vind dat er meer vrouwelijke gynaecologen moeten komen,’ zei ik.
‘Waarom precies?’
‘Omdat mannen geen ervaringsdeskundigen zijn.’
Co-assistent dacht daar lang over na. Zei uiteindelijk: ‘Weet u wat raar is? Veel studiegenoten vinden geneeskunde interessant maar komen tijdens stages tot conclusie dat ze werken met mensen niet leuk vinden.
a) Daar kan ik met m’n boerenverstand niet bij.
b) Ik kijk er niet eens (meer) van op.

Mevrouw op leeftijd werkte in voortuin. Uitgerekend daar – midden op stoep – draaide  Rosa een drol.
Had hedenochtend m’n winterjas van zolder gehaald en vergeten zakken te vullen met plastic zakjes. Zelfs aan handvat van riem zat er geen.
Shit!
Vrouw keek van berg uitwerpselen naar mij en zuchtte: ‘Hebbie geen zakkie bij?’
‘Sorry, ben ik vergeten. Heeft u er misschien eentje voor me?’
Vrouw bekeek me achterdochtig. Alsof ik m’n hond getraind heb bij haar voor de deur te gaan zitten schijten zodat ik haar huis kan leegroven.
Ze stapte zuchtend naar binnen en met betekenisvol gezicht de voordeur.
Binnen hoorde ik haar praten.
Een man verscheen voor het raam en bekeek me met aandacht: zó ziet een vrouw eruit die een hondenpoepzakje vergeet. Genoeg gezien, liep hij weer weg.
Tweede bedrijf.
Daar was de dappere huisvrouw! Ze reikte mij een veelvuldig gebruikt doorzichtig plastic zakje aan.
Heb persoonlijk liever donker gekleurd exemplaar…
Vrouw keek toe hoe ik missie volbracht en keek me na terwijl ik straat uitliep. Aan deze zaak zat beslist een luchtje…

De Sjaak

Keek op de week (42)

‘Ik heb een klacht,’ zei ik tegen de dierenartsassistente nadat ik tubetje zalf voor Saartje had afgerekend.
‘Oh,’ zei ze. De telefoon ging. Ze liet ‘m rinkelen.
Rosa zat naast me. Tot mijn verbazing was ze me zonder dralen de praktijk in gevolgd.
‘Er is drie weken geleden bij Rosa zonder verdoving een teennagel af getrokken,’ begon ik, ‘en ik vind dat een dieronvriendelijke methode. Ze heeft thuis twee weken bang rondgelopen.’
‘Het punt is dat een verdoving pijnlijk is en ook een trauma kan veroorzaken,’ zei assistente op zakelijke toon.
‘Kan zijn. Maar kan er volgende keer minstens overleg gevoerd worden? Ik stel het bijzonder op prijs als u dat in koeien van letters in uw computer zet.’
‘Doe ik, en ik zal de dierenarts erop aanspreken,’ beloofde ze.

16-jarige Neef heeft “carrière-switch” gemaakt. Is van Hout Meubileringscollege overgestapt naar opleiding voor treinmachinist. Stapt in railsporen van zijn vader.
Krijgt onder andere les in simulator.
Vroeg: ‘Als jij nou een keer niet kan, in die simulator, omdat je ziek bent of naar tandarts moet, mag ik dan in jouw plaats?’
Neef knikte ja.
Toffe gast!

Indian-summer-zon scheen uitbundig. Mensen zaten op terrassen, op de fiets, skeelerden en likten aan ijsjes. Wij – Roos, Schone Zus, Neef, Nicht + vriend, en ik – hadden wel wat beters te doen: onszelf binnen een uur bevrijden uit een escape room.
We verloren door falende techniek.
It’s fake news.
Nee, echt waar.
Kregen 50% karting-kaartje voor volgende keer in andere kamer.
Maar mán, wat was het leuk! Soms werkten we samen, meestal renden we als koploze kippen rond. Moesten 4 portretten en wel 10 kistjes met draaisloten openmaken. En telkens bukken want cijfers vlogen ons om de oren.

Zon scheen en er waaide een gezapig windje.
Liep met Rosa door nieuwe wijk. Zag auto van handhaving aan komen rijden. Was zwaar in overtreding: hond liep los te struinen en later onder toeziend oog van controleur de sloot in.
Had wel hondenpoepzakje bij me. Altijd je pluspunten tellen.
Wilde me verstoppen achter boom (easy met mijn Sidonia-figuur) of doen of ik Rosa  nooit eerder gezien had. Maar het is als met je kind, hè? Wat ze ook doen, je blijft ze trouw tot in den dood.
Kortom: ik was de Sjaak.
Rosa rende blij op me af en schudde zich eens goed uit naast de auto. De gemeentelijk toezichthouder keek zeer kritisch.
De aansteller. Z’n auto zat onder de vogelpoep. Slootwater deed de zaak alleen maar goed.
Langzaam schoof het raam van de auto naar beneden. ‘Is dat uw hond?’ vroeg de man.
‘Van kop tot staart.’
‘U weet vast al wat ik ga zeggen?’ vervolgde kerel.
‘Uiteraard. Ik heb geen smoes en ben bij m’n volle verstand. Maar kijk eens: één hele poepzak.’
Er kon zowaar een lachje af.
‘Mooi. Dan weet u dat voor de volgende keer. Ga nu thuis een biertje pakken.’
Knikte dociel en staarde auto na. Kreeg met moeite mijn openstaande mond dicht. Waarom kreeg ik geen bon?
In de verte klonk het carillon.
Boven mijn hoofd ging een gloeilamp branden. Het was 17.15 uur en ambtenaren werken nooit over.
En maandag regent het weer: dan zie je ze niet…

Las hartverscheurende oproep in krant van ene Bep (84 jaar): “Helaas is mijn videoband met “Gejaagd door de wind” gebroken. Wie helpt mij aan een dvd of band met deze film?”
Zie Bep voor me. Draagt Terlenka bloemetjesjurk en beschaafd lilakleurig haar. Ze is bedroefd tot in haar teenpunten en loopt radeloos rondjes achter haar rollator door haar over-gemeubileerde  woonkamer. Weigert naar activiteiten in haar verzorgingshuis te gaan want ze wil niet “bij die oude mensen” zitten.
Iemand…?

Poespas

Keek op de week (41)

‘Wat is die rijst bruin,’ zei Joris met kritische blik.
‘Heb het op advies van Dien in het water gekookt waarin ik het Eekhoorntjesbrood heb geweld.’
Man wuifde met een hand de geur naar zijn neus – hij heeft wel meer vreemde gewoontes – en nam voorzichtig een hap. Zijn gezicht zei: dit zit niet tegen.
Verdeelde de saus (paprika, ui, courgette, peen, gehakt, kruiden en veel Eekhoorntjesbrood) over de borden en de proeverij begon.
Keek Man en Kind verwachtingsvol aan.
‘Lekker!’ smakten ze met volle mond.
‘En je gaat er niet dood aan!’ kon ik niet nalaten te zeggen.
‘Altijd het laatste woord,’ zei Joris.
We hebben gesmuld, Dien! Ik prijs je inzet ♥

‘Oranje ligt eruit voor het EK en WK,’ zuchtte Man. ‘Voetballen kunnen ze niet, maar verdienen wel miljoenen.’
‘Nee, ze ontvángen miljoenen,’ verbeterde ik.
‘Nou ja, het bespaart me een hoop ergernis.’
‘Ze hadden beter het vrouwenelftal kunnen sturen,’ grapte ik.
‘Jij hebt af en toe werkelijk een tamelijk simpel voorstellingsvermogen,’ sprak Man geërgerd.

Het heeft zeven maanden geduurd maar nu hebben we ook wat: een nieuw kabinet.
Hij Die Altijd Lacht zei: ‘Ons motto is: Vertrouwen in de toekomst.’ Trommelde zichzelf  meteen op knaapjesborst: ‘Wij zijn het groenste kabinet ooit!’
Want…ze sluiten één kolencentrale. Eén hele kolencentrale! Als ze twee jaar geleden – waar heel NL op tegen was – geen nieuwe geopend hadden, dát was pas groen geweest.
De club van vier verdient een groot compliment!’ sprak Buma met zijn ik-ben-het-braafste-jongetje-van-de-klas-blik.
Weet nooit of ik moet lachen of huilen als ik die kerel zie.
Het Jeugdjournaal betrapte Hij Die Altijd Lacht op een fout in de eerste regel van het Wilhelmus. Heb zelden zo gelachen.

‘Een fles droge, witte wijn, rond een tientje. Het is een cadeautje voor m’n Vriendin.’
‘Koken uw vrienden graag?’
Ik schudde nee.
‘Hier heb ik een Chardonnay met een lichte ananassmaak die het uitstekend doet bij een salade met schelpdieren,’ vervolgde verkoper stoïcijns.
‘Een gewone witte wijn, alstublieft.’
Slijter pakte andere fles. ‘Deze Cava is gerijpt en komt uit Catalonië. Dat is een grensstreek tussen Frankrijk en Spanje…’
Rolde nog net niet met m’n ogen.
‘…met één apart soort druif die – ook weer – een lichte ananassmaak heeft en bovendien…’
Ik weerstond de aanvechting de winkel uit te rennen. ‘Gewoon een droge witte wijn voor als m’n Vriendin terugkomt van een strandwandeling, bij een stuk kaas, of wanneer ze het ’s avonds op een drinken wil zetten.’
‘Heeft u voorkeur voor een bepaald land of streek?’
Kreeg zin te stampvoeten en te schreeuwen. Sprak met bovenmenselijke krachtinspanning lang-zaam en be-heerst: ‘Meneer. Een. Fles. Droge. Witte. Wijn. Zonder. Poespas. Alstublieft.’
Slijter keek me uitdrukkingloos aan.
‘Deze is lekker, mevrouw,’ tipte een klant me.
‘Dan neem ik die,’ riep ik blij en rende naar de kassa.

Een muzikale anekdote

Keek op de week (40)

Rosa loopt nog niet als de gesmeerde bliksem maar hinken is voorbij. Elke avond stopte Joris Rosa’s poot vijf minuten in een bak sodawater. Voorheen – lees: voordat de dierenarts zonder verdoving haar nagel eraf rukte – was dat een fluitje van niks.  Nu moest ik Hond de keuken in duwen. Letterlijk. Ooit geprobeerd een labrador van 25 kilo die zich schrap zet te verplaatsen? Een work-out is er niets bij.
Heb nog een heel kistje zure appels met dierenarts te schillen!

Ik keek – in tegenstelling tot velen, schijnt – nooit op Funda. Heb wel wat beters te doen. En waarom mezelf op het spek binden?
Tot Vriendin een link stuurde met juweel van Kakelbonthuis. Geklikt en ja hoor: waanzinnig Pippi-huis met luiken. Compleet met oprijlaan, landgoed, stal, moestuin en een schommel.
En nu…is het verkocht. Verkócht!
Kijk echt nooit meer op Funda.

Op de markt kocht ik een kilo boerenkaas.
‘Wilt u een stukje proeven, mevrouw?’ vroeg marktvrouw in vrolijk geruit schort.
‘Nee, dank u, ik heb net m’n tanden gepoetst.’
‘Is dat omdat je nooit weet wie je tegenkomt op de markt?’
‘Haha, nee, ik ben nogal kieskeurig.’
‘Mag de hond dan een stukje kaas?’
Plakje kaas was druppel op een gloeiende plaat.

Kom dat zien, kom dat zien! Een deksels mirakel! Nog nimmer vertoond!
Kan het een tandje minder, Kakel?
Ja, maar het is zo bijzonder: voor het eerst in negenhonderd-zoveel jarig bestaan van ons dorp, is er kermis.
Eentje met zeven (!) attracties. Dat is inclusief kraam met suikerspinnen.

“Heeft u bijzondere herinneringen aan een concert?” vraagt Rotterdams Philharmonisch Orkest ons per email. “Laat het ons weten!”
Nou, we hebber er één!
Roos was vijf toen Man en ik haar een beetje cultuur qua klassieke muziek wilden bijbrengen. We gingen naar “Een muzikaal verhaal,” speciaal geschreven voor tere kinderzieltjes vanaf vier jaar.
Op het podium stond een orkest en een tweemeter hoge stoel waarop een heuse acteur zat, die met een fanatisme dat je doorgaans alleen bij rebellengroepen aantreft, een verhaal vertelde, dat werd afgewisseld met flarden muziek.
Na vijf minuten vroeg Roosje: ‘Papa, wanneer is het afgelopen?’
Twee minuten later stond ze op: ‘Papa, zullen we weggaan?’
We hebben het – met om de paar minuten een stukje drop – kunnen rekken tot de pauze. Daarna zijn we iets leuks gaan doen.
Denkt iemand dat het Philharmonisch op deze anekdote zit te wachten?

Au-pootje

Keek op  de week (39)

Rosa heeft ergens opgestaan of ingetrapt, en liep mank vanwege een gespleten nagel aan haar rechtervoorpoot.
Man toog naar dierenarts.
‘Weet je nog hoe ze piepte toen ik per ongeluk op haar poot ging staan?’ vroeg Man.
Logisch, met zijn maat roeiboot.
‘Dat deed ze bij de dierenarts ook maar 100 x erger. Een assistente kwam direct poolshoogte nemen. Vind je ’t gek? De DA had een tang gepakt en de kapotte nagel er in één keer afgetrokken. Daarna moest het nog gedesinfecteerd worden en kreeg ze een spuitje tegen de pijn.’
‘Had ze dat spuitje niet van tevoren kunnen geven?’ vroeg ik.
‘Weet ik veel. Rosa kreeg na afloop één minibrokje.’ Mans vingers gaven de grootte van een dubbeltje aan. ‘Een wonder dat ze er niet in gestikt is,’ liet hij erop volgen. ‘En ik ben 55 euro lichter,’ sprak hij somber.
‘Die pijn in je portemonnee gaat vanzelf over. Of heb je liever een uitgetrokken teennagel?’
Joris hield – heel wijs – zijn mond.
Er spelen zich nu toneelachtige taferelen af in huize Kakelbont. Wanneer Kind of ik op deerniswekkende toon aan Rosa vragen: ‘Hebbie au-pootje?’ dan zet ze hang-ogen op van treurigheid. Waarna haar smaakpapillen aan een warming-up beginnen om met een zucht van zaligheid een troostbrokje naar binnen te laten glijden.

Met Lief een spelletje mikado op keukenvloer gespeeld. Had pak spaghetti uit m’n handen laten vallen.

Dochter van vriendin H. voetbalt sinds eind juni bij eerste damesteam van Feyenoord. Ze was ook al gevraagd door Excelsior.
S. is pas vijftien. Traint vijf keer per week, plus nog uit- en thuiswedstrijden. Krijgt mediatraining, tenues, schoenen, fysio…heel de mikmak.
‘Vóór het tekenen van het contract werd naar de film over de inhuldiging op Coolsingel gekeken,’ vertelde H. ‘‘Iedereen is toch voor Feyenoord?” riep de voorzitter trots. Teamgenoten van S. gniffelden. S. probeerde ónder stoel met Feyenoordlogo te kruipen. Ze mag alleen nog maar in haar Feijenoord-shirt of Fb of instagram staan. Ik kwam niet meer bij want S. is overtuigd Ajax-fan (je snapt het niet, red.) Heb voorgesteld dat ze haar Ajaxshirt voortaan maar als pyjama moet dragen.’
Daarna zuchtte H. vermoeid: ‘En wie mag haar telkens naar de Kuip brengen? Ik kan m’n baan wel opzeggen… Eén voordeel: ik hoef nóóit meer kleding van een heel team te wassen!’

Klein duimpje stond voor AH te krijsen als hooligan.
‘Wat is er aan de hand?’
‘Nou…die grote stou-hou-hou-te jongen daar,’ ze wees naar jongetje verderop, ‘heeft mijn kaa-haar-ten van Feekfonk afgepakt!’ Ze snikte onbedaarlijk.
‘Wat voor kaarten?’ vroeg ik. Loop kennelijk weer zwaar achter.
‘Die-hie-renplaatjes van Freek Fonk.’
Oh, Freek Vonk, biologische ADHD-er. ‘Doet jouw mama boodschappen bij AH?’ informeerde ik.
Meisje knikte.
‘Weet je wat? Ik steek mijn tong uit naar die stoute jongen en daarna gaan we samen binnen nieuwe plaatjes vragen.’
Dat vond ze een goed idee. Ze veegde met haar hand haar snottenbel weg en liet zelfde handje in de mijne glijden. Ik ben toch zo’n spekkoper.
Stak mijn tong uit naar knaapje en hij holde direct weg.
Meisje en ik liepen naar klantenservice. ‘Grote, stoute jongen buiten heeft haar plaatjes afgepakt. Heb je misschien een paar nieuwe voor haar?’
Huppelend liep ze naar buiten met een flink stapeltje kaarten; haar wangen nog nat van het huilen.

Graancirkels in het gras

Keek op de week (38)

Ik ben er weer.
De afgelopen maanden waren niet om over te bloggen dus heb ik dat maar achterwege gelaten.
Ik pak de draad op met een terugblik op de zomer (zei ik “zomer?”)

Ik liep met Rosa midden in de polder en zag een wonderbaarlijk fenomeen. Moest knipperen met ogen om het te kunnen geloven. Op kilometer van bewoonde wereld had iemand figuren in het gras gemaaid. Ik wandelde eroverheen. De eerste was een rotonde met maar één in-/uitgang die overliep in twee niet nader te omschrijven figuren.
Was dit het werk van zich bewusteloos vervelende pubers? Iemand die z’n nieuwe handmaaier wilde uitproberen? Tekenen van een Marsvrouwtje? Een challenge? Vrijgezelligfeest van een hovenier? It beats me completely.

Man en ik fietsten over de dijk en stopten bij huis het van hovenier die Schillies van Vriendin heeft geadopteerd. Nergens in de grote vijver was enig reptiel te bekennen.
‘Te heet,’ oordeelde Joris. Ik draalde want wilde op gemak de tuin bekijken. Man maande me tot spoed want de ijssalon riep.
Zag ineens iets bijzonders. ‘Moet je zien! Een klein kasteel van steen met torentjes en spitsen van lood. Kijk dan. Heeft iemand zelf gemaakt!‘
Joris droeg een zonnebril. Zijn ogen waren onzichtbaar maar ik wist dat-ie ermee rolde. Man heeft veel geduld maar had die dag zijn plafond bereikt. Ben ook zo’n vreselijk mens om mee samen te leven.
Kwamen bij ijssalon. Mensen vóór ons hadden nog slagroom. Toen wij aan de beurt waren was de slagroom op.
Buiten gingen we op een bankje zitten.
‘Als jij niet bij die hovenier was blijven hangen, hadden we slagroom gehad,’ mokte Man.
‘Als ik m’n portemonnee niet bij me had gehad, had jij nu geen ijs gekregen.’
We keken recht voor ons uit en ineens naar elkaar. Er rolde traan over Joris’ wang. Van de lach.

Saartje was zomerse dagen stik-chagrijnig. Konijn mocht tuin niet in vanwege de hitte. Bij 25 graden Celsius of hoger komen vliegen in actie die eitjes leggen in kwetsbare konijnenhuid, en Saar heeft een chronische oogontsteking.
Ze bleef nogal in haar woede zitten. Daardoor heb ik een bijbaan voor haar bedacht. Bood haar waardevolle papieren informatie aan die konijn versnipperde waar ik bij stond.

Vrijdagmiddag twee uur. Alle kindjes zitten op school; Rosa kon los.
Onverwacht klonken kindervoetjes in steeg. Twee meisjes renden straat op. Hond koerste recht op ze af, want gek op kinderen. Alleen kunnen kinderen trauma overhouden aan goedbedoelde hondenwensen.
‘Zijn jullie geschrokken?’ vroeg ik aan dames in de dop terwijl ik Rosa haar riem omdeed.
‘Nee,‘ zei meisje met blonde vlechten, ‘mijn opa heeft ook zo’n hond. Hij heet Prins. Van Chocoprins.’
‘Jij ook niet geschrokken?’ vroeg ik aan vriendinnetje met zwart haar.
Zij schudde ook nee.
Blondine riep ineens: ‘Ik moet een plas en poep doen!’
‘Snel naar huis,’ adviseerde ik moederlijk.
Hand in hand – de één wit, de ander zwart – dartelden ze over open veld naar tuinhek en hielden daar halt.
Blonde meisje maakte van handen een roeptoeter en gilde: ‘Joe-hoe, mevrou-hou! Je kan ‘m weer loslaten, hoor!’

Heb ik al gezegd dat ik lieve lezers heb?
Ik heb lieve lezers!
Ben bedolven onder kaarten, whatsapps, e-mails, cadeautjes, volhardende reacties en zelfs blóemen. Lieve allemaal ♥ verschrikkelijk bedankt ♥

Welles! Welles!

Keek op de week (37)

Roos heeft zich te pletter gewerkt aan eindscriptie. (Multimorbiditeit. Erg interessant onderwerp; kuch.) Is ingeleverd en als ze voldoende krijgt, heeft ze haar Bachelor gehaald. Drie jaar Erasmus zijn om gevlógen. Kind gaat vrolijk verder aan Master. Weer twee jaar onder de dakpannen.

Werd gebeld door Corrie, medewerkster van reumavereniging. Of ik gesprekken wilde met lotgenoten van cvs/fibromyagie?
Heb nimmer genoten van lot dus waarom delen met anderen? Zei beleefd: ‘Nee, dank u.’
Ze vond het “raar” dat ik niet bij “pijngroep” wilde horen.
Ik zie het juist als missie nérgens bij te horen. Wilde iets zeggen maar Corrie tolereerde geen interruptie en vervolgde stoïcijns: ‘Het is fijn als je kunt klagen en daarna samen kunt dragen.
Begon jeuk van vrouw te krijgen. Heb al last van onderrug, moet ik ook nog sjouwen met andermans last?
‘Vind vermoeidheid erger dan pijn,’ zei ik. ‘Laatste kan ik negeren. Meer dan drie mensen in één ruimte is voor mij een menigte die mijn energie opslurpt.’
Corry wordt waarschijnlijk per “cursist” betaald want wist van geen wijken. Wat een lastpak. Kreeg zin in scherp conflict. Adviseerde haar ervaringsdeskundigen in dienst te nemen. Heb haar daarna vriendelijk bedankt. Letterlijk en figuurlijk.

Stond bij diepvriesvakken in buurtsuper. Goede locatie wanneer buiten warme fohnwind waait. Twee dames leunden loom tegen winkelwagen.
‘Ik heb nieuwe vriendin van Jan-Thijs gezien,’ zei gezette vrouw in strakke legging, bloemetjes T-shirt en voeten met dikke eeltlaag. Ze zou voetbutter van Kr.uidvat eens moeten proberen; werkt als tierelier. (Oppassen dat dit geen streekroman wordt.)
‘O ja? Hoe is ze?’ vroeg vrouw die er uit zag alsof ze zojuist van receptie kwam.
‘Knappe meid om te zien. En ze studeert geneeskunde. Vierdejaars.’
‘Zo leuk voor hem! Goede partij.’
‘Ja, maar hij gaat haar toch dumpen.’
‘Waarom? Heeft hij daar wel goed over nagedacht?’
‘Weet ik veel. Het is een meid van niks.’
Gesprek viel stil.
Vrouw in mantelpak keek naar vriesvak waar ik stond en zei: ‘Oh ja, moet nog aardappelkroketten voor Herman meenemen.’
Flip flops en naaldhakken gingen ieder eigen weg.

Liep met Rosa langs speelveld met kleine kinderen op klimrek.
‘Jij moet later met Peter trouwen!’ riep jongen tegen meisje.
‘Nietes!’ gilde ze. ‘Van mijn moeder mag ik trouwen met wie ik wil. Ook met een meisje!’
‘Oh-hoh-hoh-hoh…dat mag niet van de Heere!’ riep ventje. ‘Meisjes mogen alléén met jongens trouwen. Anders kom jij niet in de hemel!’
Meisje begon te huilen.
Kreeg zin heel hard Welles! Welles! Welles! te roepen. Hield me in. Vond het kinderachtig.