Welles! Welles!

Keek op de week (37)

Roos heeft zich te pletter gewerkt aan eindscriptie. (Multimorbiditeit. Erg interessant onderwerp; kuch.) Is ingeleverd en als ze voldoende krijgt, heeft ze haar Bachelor gehaald. Drie jaar Erasmus zijn om gevlógen. Kind gaat vrolijk verder aan Master. Weer twee jaar onder de dakpannen.

Werd gebeld door Corrie, medewerkster van reumavereniging. Of ik gesprekken wilde met lotgenoten van cvs/fibromyagie?
Heb nimmer genoten van lot dus waarom delen met anderen? Zei beleefd: ‘Nee, dank u.’
Ze vond het “raar” dat ik niet bij “pijngroep” wilde horen.
Ik zie het juist als missie nérgens bij te horen. Wilde iets zeggen maar Corrie tolereerde geen interruptie en vervolgde stoïcijns: ‘Het is fijn als je kunt klagen en daarna samen kunt dragen.
Begon jeuk van vrouw te krijgen. Heb al last van onderrug, moet ik ook nog sjouwen met andermans last?
‘Vind vermoeidheid erger dan pijn,’ zei ik. ‘Laatste kan ik negeren. Meer dan drie mensen in één ruimte is voor mij een menigte die mijn energie opslurpt.’
Corry wordt waarschijnlijk per “cursist” betaald want wist van geen wijken. Wat een lastpak. Kreeg zin in scherp conflict. Adviseerde haar ervaringsdeskundigen in dienst te nemen. Heb haar daarna vriendelijk bedankt. Letterlijk en figuurlijk.

Stond bij diepvriesvakken in buurtsuper. Goede locatie wanneer buiten warme fohnwind waait. Twee dames leunden loom tegen winkelwagen.
‘Ik heb nieuwe vriendin van Jan-Thijs gezien,’ zei gezette vrouw in strakke legging, bloemetjes T-shirt en voeten met dikke eeltlaag. Ze zou voetbutter van Kr.uidvat eens moeten proberen; werkt als tierelier. (Oppassen dat dit geen streekroman wordt.)
‘O ja? Hoe is ze?’ vroeg vrouw die er uit zag alsof ze zojuist van receptie kwam.
‘Knappe meid om te zien. En ze studeert geneeskunde. Vierdejaars.’
‘Zo leuk voor hem! Goede partij.’
‘Ja, maar hij gaat haar toch dumpen.’
‘Waarom? Heeft hij daar wel goed over nagedacht?’
‘Weet ik veel. Het is een meid van niks.’
Gesprek viel stil.
Vrouw in mantelpak keek naar vriesvak waar ik stond en zei: ‘Oh ja, moet nog aardappelkroketten voor Herman meenemen.’
Flip flops en naaldhakken gingen ieder eigen weg.

Liep met Rosa langs speelveld met kleine kinderen op klimrek.
‘Jij moet later met Peter trouwen!’ riep jongen tegen meisje.
‘Nietes!’ gilde ze. ‘Van mijn moeder mag ik trouwen met wie ik wil. Ook met een meisje!’
‘Oh-hoh-hoh-hoh…dat mag niet van de Heere!’ riep ventje. ‘Meisjes mogen alléén met jongens trouwen. Anders kom jij niet in de hemel!’
Meisje begon te huilen.
Kreeg zin heel hard Welles! Welles! Welles! te roepen. Hield me in. Vond het kinderachtig.

De bumperklever

Keek op de week (36)

Man is wanhoop nabij. Overbuurman M. heeft rondreis door Ierland geboekt en reist binnenkort af. Bij terugkomst kan Man de 8700 foto’s van Malta,  én Ierland bewonderen.
‘Hopen dat we hem héél lang niet zullen zien,’ probeerde ik Joris op te monteren. ‘Of stel buurman voor dat hij digitaal fotoboek aanmaakt.’
Man heeft hangogen van treurigheid. Wil verhuizen.

Auto weigerde te starten. Hoefde garage niet te bellen want wist euvel: startslot. Ik rukte, trok, rukte, trok…Zette allebei deuren open want temperatuur was des duivels. Begon weer te rukken maar stuur wilde blijkbaar snipperdag. Buurman F. kwam aanlopen. Vroeg naar bekende weg: ‘Heb jij soms spierballen?’
F. straalde als de zon. Kijken naar stuur was al voldoende.

Roos en ik hadden zin in test. Ken je kinderspelletje: “Ben je bang voor je vader en moeder?” Je zegt dat hardop en maakt daarna stompbeweging richting gezicht van vriendje/vriendinnetje. Als die schrikt is hij/zij “af,” en heb jij gewonnen.
Roos en ik gingen test met Rosa doen. Hond zat keurig op achterkant. Keek met zacht zeehondenogen nieuwsgierig van Kind naar mij.
‘Wie begint?’ vroeg Roos.
‘Ik,’ zei ik. Stelde vraag aan Rosa en maakte schopbeweging.
Damn! Rosa knipperde niet eens.
‘Nu ik!’ riep Roos. ‘Doe het beter dan jij,’ riep ze triomfantelijk.
Kind raffelde zin af en maakte stompbeweging tot vlak voor Rosa’s kop.
‘Ha, gezakt!’ riep ik smalend.
Rosa’s wraak was zoet; gaf snel liefdes-lik over Roos’ pas gewassen blote been.
‘Gadver, ranzige hond,’ schold Kind.

Verveelde me bijkans bewusteloos in bed. Maakte beneden Rosa wakker. Moest haar van bank sleuren want ze wilde verder slapen. Buiten – om 04.12 – zong eerste merel. Weldra klonk antwoord en volgde een concert. Dauw en slaap hing over de weilanden. Het rook naar jasmijn en kamperfoelie. Rosa gaapte vermoeid. Pas op terugweg kreeg ze haast.

In m’n spiegel naderde auto met acceleratie van Porsche. Bij m’n bumper deed-ie zwaan-kleef-aan. Kaboem-kaboem trilde zijn bas.
Heb schurfthekel aan klevers. Auto is toch soort verlengstuk van je woonkamer en je laat niet zomaar iedereen binnen; zeker gluurders niet.
Plan A.
Trapte op rem, ging 30 km/u rijden en keek nadrukkelijk in spiegel.
Gast die net heeft leren fietsen zonder zijwielen grijnsde en had last van middelvinger.
Plan B.
Verleende iedereen voorrang.
Moedigde met royaal gebaar oude vrouw achter rollator aan weg over te steken bij zebra.
Achter me werd geclaxonneerd en met verstralers geknipperd. Auto bromde en gromde.
Mijne doet dat pas bij 130 km/u.
Oma was voorbij; ik trok weer op.
Gast deed weer zwaan-kleef-aan. Achter hem reed niemand. Hoopte voor hem dat z’n IQ hoger is dan leeftijd, anders zou tocht uiterste van hem gaan vergen.
Plan C.
Volgde tip van Roos op: zette watersproeier van voorruit langdurig aan. Door wind pletterde alles op ruit van achterligger.
Missie geslaagd.

Slettenbak

Keek op de week (35)

‘Suzanne en ik willen een week samen met auto op vakantie,’ zei Roos tijdens avondeten.
‘Goed plan,’ zei ik. ‘Heb je speciale auto in gedachten?’
Roos en ik wisselden doorgewinterde blikken. Joris vertoonde onverwacht bovenmatige interesse voor eten op bord.
Kind en ik zakten slap van lach tegen elkaar aan.
Er schuilt zoveel humor in Man, tenzij het om zijn heilige koe gaat.

Roos mag uiteraard mijn blauwe doos lenen.
‘Mag Suus ook in jouw auto rijden?’
‘Tuurlijk. Jan en alleman rijdt erin. Je vader ook als hij tuinplantjes koopt. Blijft zijn auto schoon. Soh-ho-hor-rie,’ gierde ik bij zien van Joris’ verveelde gezicht.
Man zei onverstoorbaar: ‘Je mag wel een koelbox kopen. Eentje die je kan aansluiten op sigarettenaansteker.’
Vond dat goed idee. ‘Kan bijrijdster haar benen erin stoppen ter afkoeling,’ zei ik. Herinner me Suus’ opmerking van vorig jaar toen ze samen in mijn auto naar strand geweest waren. Ze zei op terugweg tegen Roos: er zit meer vocht tussen m’n bilnaad dan toen ik in zee zwom.’

Bij bakker stond vrouw die roomboterkoekjes kocht.
‘3 jan hagel – nee, doe maar 2.
2 boterbiesjes – doe er nog maar eentje bij.
4 Weesper moppen – oei, oei, die zijn groot! Maak daar maar 2 van.
2 roze glacé koekjes – die zijn klein. Geef er 3.
2 bitterkoekjes… Geen bitterkoekjes? Oh jee, oh jee! Wat nu?’
Vrouw draalde eindeloos.
Verkoopster bleef geduldig en vriendelijk. Verdient standbeeld. Gaat binnenkort trouwen en krijgt dan ontslag. Ja mensen, dat bestaat nog: bakker is in woord en geschrift van zondagschool.

Joris! Wil! Zonnebloemen!
Is jaarlijkse strijd tegen slakken weer aangegaan. Heeft ze gezaaid in theekas(t)je in tuin, besproeid en verpot.
Willen zonnebloemen hoogte van 2,5 meter halen, is vernuft geboden. Joris heeft bodem uit melkpakken gesneden, gedeeltelijk ingegraven in vaste grond en zonnebloemen erin gezet.

Kwam van markt. Had Rosa kort aan riem en aan binnenkant lopen. Stak weg over, stapte stoep op, brullende SUV kwam hoek om scheuren en reed me finaal van sokken. Sprong net op tijd voor wielen vandaan achteruit het wegdek op. Had Rosa links gelopen, was ze haar achterkant kwijt geweest.
Automobilist parkeerde auto bij pizzabakkerbus.
Zag nergens gordijnen hangen maar ging kerel er toch in jagen.
Ik schreed voorbij en zweeg. Mijn ogen spraken encyclopedie-delen.
‘U hoeft niet zo te kij…’
‘Telefoneren en sturen gaat niet tegelijk, hè?’ onderbrak ik kerel pissig.
‘U gaat me toch niet vertellen dat het mijn schuld…’
‘Mag u jokken? Natuurlijk is het uw schuld!’
‘Kijk dan uit waar u loopt!’ blafte man me toe.
‘Schei toch uit. U reed over de stoep! Twee overtredingen binnen bebouwde kom.’
‘U verbeeldt zich nogal wat.’
‘Nee hoor, ik heb gelijk. Is iets totáál anders. Alleen moet je een vent zijn om dat toe te durven geven.’
Verscheen een -breek-me-de-bek-niet-open trek om man z’n mond.
Besefte hij maar dat hij geluk had: ik had m’n elektriciteitspijp en erwten thuis laten liggen.

Dakloze met zonder hond

Keek op de week (34)

Heb me bedacht. Wanneer ik twintig miljoen win, rijd ik niet m’n blauwe doos op maar koop nieuwe. Mét airco!

Een vriendin kennis klaagde: ‘Mijn man werkt zóveel over. Doet die van jou dat ook?’
Schudde ontkennend.
Vroeg me onderweg naar huis af: wat doe ik verkeerd? Wil ook wel eens avond voor mezelf.
Zag in verte overbuurman aankomen. Vrijgezel, leuke man (geen bochel), immer verlegen om praatje, lang van stof en monotoon van stem. Ongeacht waar hij me ziet sjokken, ben ik de sigaar.
Hij stapte van fiets en begon gesprek.
Sociaal als ik ben, verleende ik een oor. Snifte met neus want rook ook kans. Joris had buurman beloofd ’s avonds eens naar zijn 8700 foto’s van georganiseerde trektocht op Malta te komen kijken. Of Joris nog kwam?
‘Reken maar!’ zei ik geestdriftig, ‘wat Joris belooft komt hij na. Ga hem aan afspraak herinneren!’
Al moet ik Lief persoonlijk naar voordeur van overbuurman begeleiden, hij zál die foto’s gaan zien!

Wilde met trein naar Breda.
Liep met air van: ik doe dit dagelijks, ik ben forens, naar incheckpoortjes op Rotterdam CS. Hield ov-kaart bij poortje. Poortje piepte: toegang geblokkeerd.
Ander poortje: toegang geblokkeerd.
Was dit oefening in geduld of iets persoonlijks tussen NS en mij?
Liep naar kaartautomaat. Toetste wat knoppen in. Ging grote gloeilamp boven m’n hoofd branden: of ik 1e of 2e klas wilde reizen. Logisch: poortje weet anders niet welk bedrag het van saldo moet afschrijven.
Was kort, krachtig en keilgezellig bezoek aan Breda.
Viel bijna van m’n stok: automobilisten stoppen nog voor voetgangers bij zebrapad.

‘Er is een gast die zich jou nog herinnert van peuterspeelzaal,’ vertelde Roos.
Kneep ogen tot spleetjes. Dacht diep, diep na.
‘Hij heet Jeffrey,’ gaf Kind als hint.
Had werkelijk geen idee.
‘Je hebt ‘m héél boos aangekeken en dat weet hij nu nog.’
Sakkerju, wist het opeens. ‘Is dat dat ventje dat jou met houten trein op je hoofd timmerde? Alsof jij kop van Jut was?’
Roos knikte.
‘Mijn gemeenste gezicht heeft indruk gemaakt, hè?’ gniffelde ik.

‘Waar is uw hond?’ flapte ik eruit.
Man aan wie ik vraag stelde bukte zich voorover en mompelde iets.
‘Wat zegt u?’
‘Ze is dood!’
‘Oh…oké,’ zei ik. Realiseerde me dat er weinig oké is aan dode hond. ‘Sorry,’ zei ik snel. ‘Is het al lang geleden?’
‘Elf dagen,’ antwoordde man. Hij ontweek m’n ogen, keek naar de grond, naar de lucht of over me heen.
Wist dat hij praatje waardeert want eens had deze dakloze dat in interview in Straatkrant gezegd. Samen op de foto met z’n onafscheidelijke hond van onbestemd merk. Hond had altijd genoeg eten. Mensen gaven man behalve geld ook blikken hondenvoer. Iemand een blikopener.
‘Wat zult u haar missen,’ zei ik. ‘Sterkte meneer.’
Dat was woensdag.  Maak me nu nog zorgen om man.

Dik, mooi en gelukkig

Keek op de week (33)

Roos en ik keken naar Lin.da magazine met thema: obese. Staarden naar foto van vrouw van 165 kg die zegt dat ze dik, mooi en gelukkig is.
‘Ongelofelijk,’ zei Kind, ‘wij samen wegen minder dan zij.’
Lieten het even op ons inwerken.
‘Moet je voorstellen dat wij met haar op de wip moeten zitten!’ riep Roos. ‘Zij aan één kant; wij aan de andere, en dan nóg krijgen we haar niet omhoog…’
‘Misschien als Rosa op schoot spring,’ opperde ik.
Zagen het voor ons en tuimelden van bank van het lachen.

Liep van ziekenhuis terug naar parkeergarage.
Mevrouw in rolstoel zat bij uitgang op grasveldje in de zon.
‘Jammer dat hier geen bediening is,’ grapte ik.
Vrouw begon hard te lachen.
‘Zal ik uw bestelling opnemen? Koffie met appelgebak’ stelde ik voor.
‘Met slag-hag-room,’ zei vrouw hikkend van lach.
‘Komt eraan!’
‘Ik voel me net Opa Flodder,’ bekende vrouw schuddebuikend.
‘Alleen het bordje ontbreekt,’ constateerde ik.
Vrouw kwam niet meer bij. Haalde gierend adem, alsof zij spoedig door verstikking zou sterven.
Overleefde het zonder tussenkomst van medische verzorging.

Man fungeert als levende vogelverschrikker. In grote conifeer huizen drie nesten: één van tortelduiven en twee van merels. Wanneer Joris alarmerend geluid van merel hoort, springt hij overeind, rent naar buiten, slaat zijn handen tegen elkaar en maakt angstaanjagende geluiden tegen eksters of kat.
‘Pap, ze schrikken toch wel van je! Hoef je geen kabaal bij te maken!’
Beste stuurlui zitten altijd op de bank.
Ik vind: zoveel dierenliefde verdient schouderklop. Gaf Joris mep zoals Bea iemand tot ridder sloeg: arm recht omhoog en BAM! Ik deed andere schouder ook anders loopt Man scheef.

‘Wout, ik heb drie varkens gekocht! Gele varkens. Ze lopen bij mij achter in het land.’
Interesse van onze dorpsslager was gewekt. Hij kwam dichterbij en maakte hoofdbeweging van: hierzo, zij wel.
‘Ze zijn nog jong, het zijn biggen,’ vervolgde voormalige eigenaresse van plaatselijk tuincentrum. ‘En ze zijn léuk! Dragen geen oor-labels maar hebben chip.’
Ik hing aan vrouws lippen. Als ik te zwaar werd, moest ze het maar zeggen.
Gezicht van slager stond op standje jaloers. ‘Weet je wel aan hoeveel regels je je moet houden?’ informeerde hij.
‘Valt mee want het zijn hobbyvarkens. Kom eens een keer kijken!’
‘Waarom zeg je dat wel tegen Wout maar niet tegen mij?’ vroeg ik vrouw.
Ze keek me aan en zei tolerant: ‘Kom jij toch?’
Binnenkort op deze blog: een diepte-interview met drie biggen.
De foto is van Dien!

De bloterik

Keek op de week (32)

Leven van onze studente gaat over rozen.
Naar Ziggo Dome voor concert van Shawn Mendes. Aansluitend overnachting op loopafstand in hostel voor vrouwen. Volgende dag werken in Haarlem.
’s Nachts om 02.00 uur bus in voor dagtrip met vriendin naar Euro Disney. ‘Voor 35.00 euro mam, da’s geen geld,’ aldus Roos. ’s Nachts zelfde tijd weer retour met bus.
Uitje met pannenkoekboot van Erasmuskoor. High-tea met vriendin op Euromast. Lunchen met vriendinnen in stad en BMG-uitje van studiegroep naar escape-room.
Plus nog twee dagen werken en naar bijleskind. Alles in één week. Iemand nog peultjes?

Ken je dat? Dat je in ziekenhuis toiletruimte instapt. Je drie deuren ziet. Bij één naar binnen stapt, plast, naar buiten stapt, handen wast en niet meer weet welke deur naar uitgang leidt. En dat dat steevast laatste deur is?

Had ik weer. Liep op Piratenpad (you name it en de Krimpenerwaard heeft het) en halverwege in bocht bij veel bosjes stond man in adamskostuum. Piemeltjenaakt met nadruk op TJE.
Mijn hoofd dacht: bloot-  buiten – koud: die is mesjogge. Vast een type met matige impulsbeheersing.
Was niet van plan om te keren. Had probaat middel in hand: Rosa’s ballenwerper. Oh…woordspeling.
Waar was die hond eigenlijk? Keek achterom en zag aan beweging in Koolzaad en Fluitenkruid waar ze liep. Riep hard: ‘Roooooo-sa!’
En verrek – doet ze anders nooit- ze kwam hoppend door hoge kruid aanrennen.
Ik gebaarde met ballenwerper naar TJE en zei met killerblik tegen kerel: ‘Pas maar op, je bent ‘m zo kwijt.’
Niet gezelligste openingszin, wel uiterst functioneel.
Glimlach van man verdween als die van Melania zodra Donald zich omdraait.
Heb nimmer gebukte man met twee handen tussen zijn benen zó snel bosschages in zien vluchten.
I hope he fell somewhere with his reet in the prikkeldreet.

Heb onderscheiding gekregen. Niet geslagen als ridder – had terug geslagen. Geen kruis – heb ik al. En ook geen lintje. Wat dan wel?
Het heeft Compassion in world farming behaagd mij een roze Moeder-voor-Moedervarkens’ armband te schenken vanwege solidariteitsactie. Doe mee en ban krappe kraamkooien in de vee-industrie! Teken hier de petitie.

Ga verder met boekje over Joris open te doen. Titel luidt: zo zag u hem nog nooit.
Man leest nooit mijn blog, kan dus schrijven wat ik wil.
Deel twee: Joris klaagt dat ik nooit iets doe wat hij wil. Aansteller! Als hij Roos en mij aanspoort kleding van nieuwe collectie te kopen, hóllen we voor ‘m. Geven hem niet teveel zijn zin. Alles met mate. Ik hoor het ‘m zeggen.

Stuurde dit schots en scheve handschrift op een kaart naar Dien. Zij maakte een foto, zette ‘m op haar blog waar ik ‘m weer vandaan jatte. Cirkel is nu rond.
Niet bepaald voer voor psychologen: handschrift is van persoon met chaotische inslag.

Waar is de mol?

Keek op de week (31)

Goede traditie op Koningsdag is Broer tegenkomen op kermis (zoenen!)
Ging samen met nicht in woest rond-draai-ding. Schaterde hard toen apparaat als een raket ging. Hoop dat nicht niet meer doof is aan één oor.
Heb normaal gesproken last van wisdrift maar foto die Broer maakte bewaar ik.

Heb me geërgerd aan afzeiken op “social” media over kroonprinses Amalia. Volwassenen die genieten ven krenkende woorden op een kind. Hoe diep kan je zinken?

Rosa houdt van tuinieren. In het Koeienbos graaft ze als razende in de grond. Aarde vliegt alle windrichtingen op. Dieper en dieper wroet haar snoet onder de grond. Zet het dan ineens op een janken en huilen, niet normaal!
Baas, net zat hier nog een mol en nu is-ie weg!
Hond jankt zo hard dat argeloze voorbijgangers denken dat beest ernstig wordt afgeranseld.
Aan haar halsband sleur ik Rosa bij het gat vandaan.
Weer los rent ze terug: een volhouder.
Verwijtend kijkt ze me aan als ik haar aan de riem doe.
Baas, ik mag ook nóóit wat!
Heb ik een kind dat dat dat nooit gezegd heeft, doet m’n hond het.

Zat oog in oog met eigen rug.
‘Mooie spareribs,’ complimenteerde ik mezelf.
‘Er zitten helaas slijtageplekken op,’ zei reumatoloog en wees naar ribben onderrug.
Dat deed zeer. Liever fibro dan slijtage…
Kreeg recept mee voor pijnstillers bij acute rugpijn.

Ik geef toe dat ik verschrikking ben om mee te leven. Doch, al die lezers die het voor Joris opnemen, wordt me te gortig. Jullie mogen beslist weten dat Man in huize Kakelbont de baas is over afstandsbediening. We kijken weinig maar als we kijken, wil hij die macht. Wanneer reclameblokken komen, gaat Joris zappen en blijft altijd op verkeerde zender plakken. Roos en ik willen dan allebei asbak naar televisie gooien. Of naar Man. Hebben alleen geen asbak…
Ga vaker boekje over Joris opendoen.

Vraag me af of mensen tegenwoordig nog voorjaarsschoonmaak doen. Ik niet, want ik mis schoonmaak-gen. In vlaag van verstandsverbijstering ging ik ramen zemen. Tussen twee halen door, liep raamnat via onderkant van polsen zo m’n armsgaten in. Onbegrijpelijk want mijn moeder is meest vlekkeloze schoonmaakster ooit. Poetst haar kookplaat blinkerig zonder vingerafdruk achter te laten. Maar mijn was ruikt lekkerder!

Weggegooid mens

Keek op de week (30)

‘Mam, er is post voor je! Iemand heeft zich uitgesloofd,’ riep Roos.
Verheugd holde ik trap af. Kind had geen woord te veel gezegd: envelop was al feestje en ik bleef uitpakken.
Lieve Toos, wat ben je in de weer geweest. Je vilten kippen hebben we met Pasen ingewijd. Hartstikke bedankt en houd je brievenbus in de gaten!

Spijkerbroek met gat was kort leven beschoren. Bleef bij aantrekken met grote teen in gat hangen, kreeg losbandig gevoel en trok broek aan flarden.
Kan iemand mij uitleggen waarom spijkerbroeken in winkels korter worden terwijl mensch al maar langer wordt?
Vraag tegenwoordig bij binnenkomst of ze spijkerbroeken in lengtemaat 34 verkopen. Scheelt berg irritatie aan verkooppraatjes als: “Een goed tip, mevrouw! U slaat onderkant pijpen om en draagt er leuke sneaker onder. Staat zó zomers!”
Hoezo omslaan? Pijpen van maat 32 komen amper voorbij m’n kuiten en voor bedrag dat je niet wil omrekenen in oude guldens.

Roos hield “twenty-one dinner party.”
‘Daarbij is het traditie dat ouders koken voor jarige en vrienden,’ aldus Kind.
Tijd voor een breuk in de traditie!
Graag, aldus Roos, want ze wilde geen bijstand van iemand van vóór haar jaartelling; alles zelf koken. Of ik wel tomatensoep als voorgerecht wilde maken? Weer gezwicht natuurlijk.
’s Avonds moesten Joris en ik noodgedwongen uit eten. Echt een beproeving. Bij thuiskomst gingen we kamperen op slaapkamer.
Geinig zo’n party. Moet Roos vaker doen.

Lekker joh, die nieuwe pillen van de huisarts tegen de fibro-spierpijn. Doen exáct wat ze beloven…qua bijwerkingen. Alleen pijn verhelpen ze niet. Bij dezen verklaar ik ze de oorlog. Hopla, naar het chemisch afval.

‘Wat een mooie hond,’ complimenteerde ik vrouw in polder. Meende het, want heb in kennel van fokster van dat ras gewerkt.
‘Haar ouders zijn kampioen van Nederland,’ sprak eigenaresse plechtig. ‘Een lieve hond, hoor, alleen…’ vrouw slaakte diepe, diepe zucht, ‘ze kreeg dubbele hoektanden. Die heb ik laten trekken maar mag nu niet met haar fokken.’
Viel me opeen op dat vrouw zelf enorme overbeet had. Zou zij zichzelf vermenigvuldigd hebben?
Ik zei: ‘Als het mijn hond was, zou ik van een mug geen mammoet maken en de stamboom aan de papierversnipperaar voeren. Een lieve hond is toch het belangrijkste?’
‘Maar dat zou…dat zou… weggegooid geld zijn!’ stamelde vrouw in shock. ‘Heb nog vier maanden garantie om haar om te ruilen voor ander exemplaar bij zelfde fokker.’
Haalde minzaam mijn neus op. Wat een weggegooid mens!

Alsof de “plofpost” nog niet genoeg was, kreeg ik ook nog kaart van een trouwe lezeres uit Canada. Keep your mail in the holes, Wilma!

De heks van Hans en Grietje

Keek op de week (28)

Het was dringen bij kaaskraam op de markt. Moeder zei tegen kleine jongen: ‘Ga wat lekkers kopen bij stroopwafelkraam,’ en stopte geld in z’n knuistjes.
‘Waar dan, mam?’
‘Aan de overkant. Daar, achter het boord in de hoek,’ wees ze.
Ventje deed paar stappen en bleef weifelend staan. Keek naar overkant van markt alsof het overkant van de wereld was.
Ik liep naar ‘m toe en vroeg: ‘Zal ik met je meelopen?’
Ventje hield acuut handen met grijpstuiver op z’n rug. Was deze stokoude vrouw de heks van Hans en Grietje? Of wilde ik alleen z’n geld afpakken?
‘Je hoeft me geen hand te geven. Loop gewoon mee,’ stelde ik voor.
Knaapje knikte kort. De lefgozert.
Bij stroopwafelkraam was het opstellen in rijen van vier. Laveerde jongen tussen volwassenen door, zette ‘m pal voor neus van bakker en zei: ‘Deze kerel heeft ont-zet-ten-de trek. Mag hij voor één keer voor?’
Dat mocht.

Zoiets fijns meegemaakt. Mijn vingers staan in brand het te vertellen. Mijn boek was uitverkocht en heb derde druk besteld! Helaas geen herziende uitgave dus lezers zullen het met foute nummering in inhoudsopgave moeten blijven doen.

Sinds maart loopt Roos drie dagen per weer stage in Haarlem. Onder mom: wat je ver zoekt, is lekker.
’s Ochtends 5.45 uur jaagt Man haar met vleesvork uit bed.
06.15 rijden ze weg.
Kind ontbijt en doet make-up in auto. Pakt in Den-Haag trein naar Schiphol, stapt aldaar over op andere trein en vervolgens met bus naar eindbestemming.
Is laaiend enthousiast over bedrijf, “collega’s” en werkplek, maar man, man, die terugreis met OV naar huis.…
Zaterdag vroeg op om naar haar werk te gaan.
‘Ben je moe?’ vroeg ik ’s middags, kijkend naar haar wallen.
Wie? Zij? Huh! Ze ging boven even sporten. Kon dat nog voor het eten?
Welja, tijd zat.
Wat was het stil…Ik ging eens kijken.
Ach gut, was ze onderweg naar de zolder gestruikeld over ons bed en erop in slaap gevallen.

Hing gemoedelijk tegen Lief aan op bank met voeten op tafel. Op tv bewoog de toestand van de wereld.
‘Wat heb jij aan?’ vroeg Joris.
‘Kleren,’ zei ik.
Man, narrig: ‘Wat zit daar?’ en wees met wijsvinger.
Wist wat hij bedoelde maar deed of ik gek was.
Joris’ drukte wijsvinger in mijn linkerknie. ‘Een! Gat! In dit huis geen spijkerbroek met gaten!’
‘O, en jouw klusbroek dan,’ hoonde Kind vanaf de canapé. ‘Daar komt heel je knie doorheen!’
‘Daarvoor is het een klusbroek,’ kaatste Man.
‘Ha! Dus je geeft het toe!’ riep Roos voldaan.
Trots sprak ik: ‘Schat, mensen kopen spijkerbroeken met twee sneden op de knie alsof ze allemaal hetzelfde ongeluk hebben gehad. Dit gat is pure slijtage.’
Joris verloor belangstelling voor journaal. Jutte Rosa op: ‘Kom, we gaan naar buiten!’
Rosa trok één oog open en liet het onmiddellijk dichtvallen.
‘Wat een huishouden. Echt nie-mand luistert naar me,’ bromde Joris.
‘Is toch nooit anders geweest?’ wreef Kind erin.
‘Waarom zijn jullie het altijd met elkaar eens?’ informeerde Man.
‘Simpel,’ zei Roos, ‘omdat we altijd gelijk hebben.’

Durban, bloesems en oordoppen.

Keek op de week (28)

Vroegah – toen wij nog portiekwoning in Rotterdam huurden – wilde mijn moeder het voorjaar in huis halen. Toog daartoe met keukenschaar naar gebloesemde bomen. Een hele tippel. Zette thuis afgeknipte roze takken tevreden in vaas.
Haar gelaat betrok: zij snufte iets. ‘Een pislucht,’  sprak ze rillend van afschuw. Haar neus volgend, kwam ze uit bij de lieflijke bloemen op tafel waaruit als toetje een oorwurm kroop.
Voorjaar verdween voorgoed in de vuilnisemmer.

Liep slaapkamer in en zag dat iemand mijn kussen opzij gesmeten had. Aan manier waarop kon dat door slechts één iemand gedaan zijn.
‘Wat heb jij gedaan?’ vroeg ik Rosa.
Hond keek me met omfloerste ogen onschuldig aan.
Ik trok mijn dekbed opzij op zoek naar m’n oordoppen. Nada.
Keek onder bed. Niente.
‘Waar zijn mijn oordoppen, nou?’ vroeg ik hardop aan mezelf.
Als antwoord roffelde Rosa’s staart zacht op de grond terwijl ze haar bek aflikte.
Gafferdamme, ze heeft ze opgevreten!
Eén troost: Oost-Indischer doof dan ze is, kan ze niet worden.

‘Mijn vriend heeft een Alfa Romeo, een sportuitvoering,’ vertelde kapster. ‘Daar rijd ik in als we ergens naartoe gaan. Ben voorzichtig met parkeren bij stoepranden maar raakte onlangs toch trottoir. Vriend boos, want kras op de velg. Hij heeft twee dagen tegen me gezwegen. Ik liet de velg repareren en vroeg daarna of-ie weer kon lachen.
Reed-ie afgelopen week voorkant van auto in puin. ‘Moet ik nou drie weken m’n mond tegen jou houden?’ vroeg ik. Hij gaf toe dat zijn reactie overdreven was geweest.’
‘Nou, zoiets zal mij niet gebeuren!’ riep ik stoer. Moest schreeuwen want was nogal herrie.
Had amper opmerking geroepen of alle droogblaasapparaten zwegen.
‘Oh nee?’ vroeg kapster.
Er viel lange, akelige stilte. Een ieder hield haar adem in.
‘Nee, ik mag niet rijden in auto van m’n man.’
Vreugde alom was groot.

Ontving via Postcrossing kaart uit Durban, South-Africa. Van ene Frank met absolutely terribel handwriting. Oplossing: typed message van liefst 22 regels. Over zijn outstanding life en magnificant house; his job at High Court met huge salary. Hij doet dagelijks workouts in zijn eigen gym at the George Club. Op www punt.nog.iets staan great pictures van hem. Hij sluit every day af met kijken naar sunset op zijn private beach, lurkend aan glas Cabernet whatever. Only: he is so very lonely.
Heb Frank bedankt voor wat mij meest imponeerde: de postzegel met olifant.
It’s true.