Een poes in een mandje

Vóór me – een meter of tweehonderd – ligt een hoopje ellende op de polderweg. Wat zal het zijn? Vast een kat. Hij ligt ongeveer een meter uit de berm en tegemoetkomende auto’s negeren het dier en jakkeren door. Ik word daar altijd een beetje droevig van.

Een klein wit autootje stopt langs de kant van de weg op hetzelfde moment dat ik mijn fiets tegen een treurwilg stal. We knikken elkaar gedag. Zij is nog jong, hooguit een jaar of twintig. ‘Is ie dood?’ vraagt ze aan mij, op een toon dat ze het ergste vreest. ‘Ik weet ’t niet,’ zeg ik. Ik buk en voel. Het dier is nog warm; ik schrik ervan. En ja, hij is dood.

De Witte wil de kat best oppakken, maar ergens ook liever niet. Er zijn leukere dingen dan dode dieren van de straat plukken. ‘Zal ik vragen of de kat van die boerderij daar is?’ vraagt ze, gebarend naar de hoeve rechts van ons. Goed plan. Ik til voorzichtig de kat op. Zij loopt voorop, ik volg. Aankloppen hoeft niet, want de boerin heeft ons al gezien. Ze draagt een gebloemd jasschort, heeft appelwangen en het gezicht van een zuurpruim.

‘Is deze poes van u?’ vraagt de Wit op de vrouw af. Gelukkig blijkt de boerin een warm en meelevend mens te zijn. ‘Geen idee,’ zegt ze, ‘we hebben er zóveel…’ Ze haalt haar schouders op.  Zonder iets te zeggen loopt ze weg. Sta ik hier met die dode kat in mijn handen. Moet ik ‘m nou ergens neerleggen of wat? De zuurpruim komt terug met een rieten mandje, zegt niets, trekt zo ongeveer de poes uit mijn handen en legt ‘m in het mandje. Ze kijkt.

Toch zeker wel een seconde lang. Toonloos zegt ze: ‘Ja, die is van ons. Ik zal tegen de knecht zeggen dat ie ‘m mot begraven.’ Ze veegt haar handen af aan haar schort, kijkt ons aan van: dat hebben we dan ook weer gehad en zouden wij  niet eens gaan? Ik draai me al om om weg te lopen, maar de Wit staat daar maar stilzwijgend naar het dode dier te kijken. Er biggelt een traan over haar wang. ‘Wou je soms nog afscheid van ‘m nemen,’ snerpt de boerin vinnig, ‘je kent ‘m anders nog maar net.’ Wat een dragonder van een wijf. Waar slaat dat nou op? Je ziet toch dat dat kind van slag is? Wie weet heeft ze nog nooit eerder een dood beest gezien. Ik zend de boerin ‘Wat zal uw schoonfamilie blij met u zijn,’ bijt ik haar toe. Woest is ze. Wijdbeens, zwaait ze met een vuist en gooit ze er de ene na de andere vloek uit. Mevrouw Flodder in het kwadraat.

Ik grijp de Wit bij een arm en sleur haar bijna met me mee. Nijdig knerpen onze voeten over het grind. Bij de weg aangekomen barst de Witje in snikken uit: ‘en ik schaa-haamde me nog wel dat ik de ka-hat niet durfde op te pah-hakken…en zij… en zij…’ snikt ze. Ik wil haar opbeuren maar kan zo snel niets verzinnen; ik sla maar een arm om haar heen. Zo staan we daar een paar minuten. ‘We hadden een paar handjes kiezelstenen naar dat takkewijf haar hoofd moeten gooien,’ zeg ik rebellerig. De Wit grinnik. ‘Wees trots op jezelf dat je gestopt bent,’ zeg ik, ‘en dat jij wel om dieren geeft.’ ‘Ja, zo kan je ’t ook zien,’ zegt ze. Haar tranen veegt ze weg met de mouwen van haar jas. Ietsiepietsie gerustgesteld loopt ze terug naar haar auto.

7 thoughts on “Een poes in een mandje

  1. Breek me de bek niet open?
    Ik kom van een boerderij!
    Daar liepen meer katten rond dan muizen en als je er zo mee bent opgroeid is een kat niet zo belangrijk.
    Wij Hulken gaven meer om mensen!
    En het lijkt er tegenwoordig op dat wij in een omgekeerde wereld leven.
    Daarom is er een Hulks spreekwoord uitgevonden.
    “Geef het leven van ieder wezen eer, maar het leven van een mens véél meer”!

    Als je eens wist hoeveel katten ik heb moeten vermoorden van mijn moeder in mijn jeugd?
    En toch was dat de Liefste boerin die ik kon ! ! !

  2. Ik heb in december ook een dode nog warme kat gevonden hier in de wijk, ik ook stoppen met m’n scooter. Niemand te zien en koud en donker, heb de Dierenambulance gebeld en die hebben hem toen meegenomen.
    Ik hoop dat iemand hem/haar mist. Nooit meer iets van gehoord,helaas…
    Kan me niet voorstellen als eigenaar van 3 katten dat je je kat niet mist.

    Voor de boerin horen ze duidelijk gewoon voor de muizen en niets meer of minder.

    • @ Sterretje: ha Es! Nee als trotste kattenbezitster rijd je niet om een dood beest heen. Dat is wat mij frustreert: iedereen kan een kat aanrijden. Maar stap dan uit en leg het beest in de berm. Bel desnoods in je auto de dierenambulance. Dieren zijn toch geen stukken vuil. Ik ben trots op je! xxx

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *