Cheers

 

‘Jemig Kakel, waar zat jij al die tijd?’ hoor ik een bekende stem naast me zeggen. Ik schrik me de schompus.   

‘Jaap, jongen,’ grijns ik. Jaap lacht terug, maar anders dan anders. Alleen zijn gezicht lacht; zijn ogen doen niet mee.

‘Kakeltje, waar zat je al die tijd?’

‘Thuis.’

‘Thuis? Wat deed je dan?’

‘Ik deed aan bankzitten,’ leg ik uit.

‘Voel jij je wel helemaal lekker?’

‘Nou, toen niet, nu weer een beetje wel.’

‘Zoals gewoonlijk praat je weer in raadsels. Nog net zo knettergek als altijd.’

‘Dankje,’ zeg ik. Schoorvoetend geef ik toe dat ik alleen een rondje Vlist gefietst heb. ‘En waar ben jij geweest?’ 

‘Eh…net zo ver als jij, vijftig. Ik fiets alleen dichtbijrondjes, want ik wil binnen een straal van 25 km van thuis blijven.’ Stilte. Hij kijkt me betekenisvol aan.

‘Hoe gaat ’t met Riet?’vraag ik.

Jaap schudt zijn hoofd. ‘Slecht,’klinkt het somber, ‘de chemo is niet aangslagen…ik fiets alleen als één van de meiden bij haar is. Verder wil ik ‘t er niet over hebben.’

Okee. Ik knik.

 

Een tijdje fietsen we zwijgend naast elkaar. Het water klotst tegen de dijk. Een scooter scheurt rakelings voorbij. Aan de overkant draaien de molens van  Kinderdijk niet: te droog. Gierzwaluwen zijn op vliegenjacht en scheren laag over. Het is waarachtig zomers weer. De zon hangt in een stralend blauwe lucht. Voor sommigen doet dat er helemaal niet toe. Zo oneerlijk… Bijna ben ik thuis. Jaap verbreekt ons stilzwijgen: ‘Zullen we nog effe wat drinken bij Schippers?’    

‘Ja das goed.’

Hup. Met fiets en al rijden we naar binnen. Gouwe vent die kroegbaas.

 

‘Ik trakteer,’ zeg ik.

‘Nee ik,’ zegt Jaap. Ik heb geen zin met hem te bakkeleien.

‘Doe maar ‘n oud bruintje of ‘n kriekje,’ zeg ik, ‘en neem er zellef ook één.’ Niet veel later hebben we allebei een biersnor. Dan loopt Jaap weg, naar buiten toe. Hij voert ongetwijfeld weer iets in z’n schild, de linkmichel. Hij komt weer binnen maar door de andere deur. De deur die het dichtst bij de tap is. Jaap kijkt naar mij of ik naar hem kijk. Ik doe net of ik gek ben. Dat kun je met een gerust hart aan mij overlaten. Met een scheve grijns komt Jaap op me afstappen, en met een TA-Da…duwt hij mij mijn eigen bidon in m’n handen. ‘Alsjeblieft,’ zegt hij, ‘voor jou.’ Ik staar naar de inhoud en ik schenk hem een gulle lach. Jaap lacht van oor tot oor. Heel even doen zijn ogen ook mee. Mijn bidon is tot de nok gevuld… met bier. Die Jaap, echt een fijne man. Ik knijp eventjes in zijn arm. Kon ik maar “cheers” tegen ‘m zeggen…

 

4 thoughts on “Cheers

  1. jaap heeft zijn virtuele bagagedrager vol zorgen, maar is zijn humor blijkbaar niet kwijtgeraakt.
    ik wens hem en zijn geliefden heel veel sterkte.

    • @ Janny: dankjewel voor je lieve woorden!

      @ Margreet: zal ik doen. Twee klapzoenen: op elke wang één. Die zoenen krijg ik wel weer een keertje van je terug 😉

  2. Idd: fijne vent die Jaap. Zeker als hij het thuis zo moeilijk heeft.
    Ik hoop voor hem dat het allemaal goed komt.
    En voor jou dat het goed met je blijft gaan en dat je weer veel rondjes aan kunt, letterlijk en figuurlijk.
    Janny

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *