IJmuiden

 

‘Het kost maar vijftig gulden!’ roept Schone Zus, ‘en daarvoor krijgen we een lunch en materiaal om een schelpentaart te maken.’ ‘Vijftig piek…zo weinig maar?’ zeg ik, en denk meteen: oh lord, dan zit alles vast al vol. ‘Zal ik ff bellen of er nog plek is?’ vraagt Zus. ‘Ja,ja,ja!’ spoor ik haar aan. Laat het lot ons nou gunstig gezind zijn; er zijn nog twee plekjes vrij.

 

Opgetogen over ons uitstapje rijden we naar IJmuiden. Oké, ’t is een pokkeneind rijden, maar  we krijgen er wat voor terug. Denken we…Eenmaal terplaatse blijkt de beloofde lunch te bestaan uit een klein broodje dat zo in mijn holle kies past. Tijdens het verorberen ervan geeft de juf een korte instructie of uitleg; hoe jij het noemen wilt. Wij geven het geen naam, want het inschenken van ons glaasje ranja duurde langer dan haar praatje. Daarna worden we het paviljoen uitgejaagd. Pardon? Ja, je denkt toch zeker niet dat zij – de creajuf – zoveel schelpen heeft? Iedereen moet zijn eigen voorraad rapen.

 

Big deal, schelpen genoeg, zul je denken. Vergeet ‘t! Het is vloed en de paar schelpen die er liggen moeten we ook nog met achttien andere workshoppers delen. Likkebaardend loer ik naar het emmertje tjokvol schelpen van een klein meisje. Wat een oogst! Ik zou ’t zo  van haar af kunnen pakken. Dankzij ons doorzettingsvermogen en creatieve inslag (ach ja, dat heb je of je hebt het niet…) fabriceren we toch nog leuke schelpendecoraties.   

 

Gedreven door onze hongerige magen gaan Zus en ik op jacht naar een restaurant. Maakt niet uit wat voor een het er is, als er maar véél eten is. Het wordt een Chinees. Binnen wordt het deprimerende pling-plong-muziekje enigszins goedgemaakt door een vijver met fontein in het midden van de zaak. De ober die onze bestelling opneemt, draagt een smerig jasje vol vlekken. Daar kunnen ze in de keuken soep van koken. Die bestellen wij dus niet. Eerst willen we drinken, want oh mensen, kinderen, wat hebben wij een dorst. Ons eerste drankje is niet veel meer is dan een druppel op een gloeiende plaat. Onze nood is dermate hoog dat we verlekkerd naar de vijver loeren. We beheersen ons. Nog wel.

 

Buiten kuiert een zwarte hond over straat die bij niemand schijnt te horen. De etenslucht die vanuit het restaurant naar buiten waait, prikkelt zijn neus. De hond denkt vast: komt dat effe goed uit, ’t is etenstijd en de deur staat ook nog open! Staartzwaaiend stapt hij naar binnen, blikt even rond en loopt recht op de vijver af. Hij lebbert en lebbert. Nou ja, nu hoeven wij niet meer.    

 

De hond heeft niet alleen dorst maar blijkt ook oververhitte zijn, want hij springt hupsekee  de vijver in. Schone Zus en ik kijken elkaar aan: hallucineren wij wegens vochtgebrek? Maar nee, alle aanwezigen kijken verstoord op en zien vol ongeloof hetzelfde tafereel. Iedereen lacht zich suf. Met uitzondering van de bediening dan. Welgeteld vijf obers scharen zich rond de vijver, en roepen om het hardst dat de hond eruit moet komen, maar hun actie blijft volslagen ineffectief. Sterker nog: de hond gaat helemaal los! Hij springt rondjes, hapt naar de stralen van de fontein en blaft naar hartenlust.

 

De eigenaar komt erbij en zoekt een vrijwillige ober. Ja, stoten Zus en ik elkaar aan, neem die ene ober met dat vuile jasje! De baas laat zijn oog op een ander vallen. Nou, die vrijwilliger gaat dus niet de vijver in, hè. Nee. Nooit. Never. Schone Zus en ik hebben zachte buikkramp van het lachen. (Wat een geluksvogels zijn wij toch, hè?) Rood van nijd geeft de baas het goede voorbeeld en zet zelf één been in het water. Dat is genoeg. De hond houdt het voor gezien en springt de vijver uit. Het beest lekt aan alle kanten. Druipend schudt hij zich te midden van het personeel vakkundig uit. Alle klanten houden hun buik vast van het lachen, al voelt het een beetje als burgelijke ongehoorzaamheid. De hond kan er niet mee zitten en vertrekt net zo makkelijk als hij gekomen is. Ik zou gezworen hebben dat-ie lachte.

  

7 thoughts on “IJmuiden

  1. Oh, ik was het bijna vergeten van die hond. Ik had toen ook hele andere dingen aan m’n hoofd. Ik weet nog dat je onderweg terug in de auto zei dat je graag tante wilde worden en dat ik al stiekem wist dat dat niet lang meer zou duren… :).
    Maar dit blijft inderdaad hilarisch, en dan die stomme schelpen zoeken, grrrrr.

    xxx

    • @ Schone zus: ja, ik vroeg me al af waar je reactie bleef ;.) Ja, toen zat S. in je buidel. En ik was blijkbaar niet helemaal bij de pinken, want ik had jouw grijnzen helemaal niet door!

  2. Meestal slachten die sjienezen meteen zo’n hond.

    Tjonge wat zullen jullie gelachen hebben?
    Jammer dat ik er niet bij was want ik woon hemelsbreed 7 km er vandaan.
    Volgende keer mij uitnodigen hoor.
    Ben n.l. gek op lachen!

    • @ Margreet: Je had erbij moeten zijn joh! Twee tuthola-dametjes met een wit poedeltje vonden de hond in de vijver een grof schandaal en gingen er als de gesmeerde bliksem vandoor. Hoe smaakte het eten? Dat ben ik vergeten…

      @ Ha Hulk: je hebt echt iets gemist!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *