De deftige dame

jurkjes passen

 

Ik pak een jurkje van een rek en met een donderend geraas vallen alle hangertjes op de grond. Dat gaat vanzelf. Waar ik ook ben, er ontstaat vanzelf een lichte chaos. Kind helpt me met het vergaren van de kledingstukken. Hoe sneller we ze oprapen, hoe meer ze in elkaar verstrikt raken. We doen er een beetje lacherig over, maar dat is pure overlevingsstrategie. Zodra alles hangt, hollen we haastig naar de kleedhokjes en verstoppen ons achter een gordijntje.
Wij zeggen altijd maar zo: een nieuwe herfst, een nieuwe collectie.

 

Dan komt het blote billenmoment:  ik moet het pashokje uit, want daarbinnen hangt geen spiegel. Een moment waar ik me altijd enorm op verheug (NOT.) Hup, geen getalm, buik in en gordijntje opzij.

 

Voor de spiegel staat een klant. Goeiemiddag klant. Ze zegt niets terug, wel krijg ik een nauwelijks waarneembaar knikje. Ze taxeert me nauwgezet, niet alleen mijn eventueel aan te schaffen jurkje, maar ook mijn hele voorkomen. Ik krijg er een beetje  goedkoop gevoel van. Zij ziet er behoorlijk zelfgenoegzaam uit met haar gebleekte tanden, en haar diamanten ringen schitteren kitscherig in het halogeenlicht. Kind werpt me een veelbetekenende blik toe en slaat haar ogen ten hemel. Ze komen niet verder dan het plafond.

 

Na haar grondige inspectie loopt de deftige dame koket weg en mag ik in de spiegel kijken. Eén  blik is voldoende. Mag het licht uit? Snel vlucht ik het pashokje in. De volgende jurk is te groot (ik ben vast afgevallen na de verdwijning van mijn bult), dus hoppetee in een kleiner exemplaar naar de buitenspiegel. Het blijft een sneu moment.

 

Ik ruk het gordijn weg en stap tegelijkertijd met de deftige dame het pashokje uit. Is ze nou helemaal van de trap gepletterd, ze draagt hetzelfde jurkje als ik! Dat van haar zit loeistrak. Ze heeft het onmogelijk zonder schoenlepel aan kunnen trekken want het textiel benadrukt genadeloos haar  lichaamsrondingen plus haar ondergoed. ‘De rits wil niet dicht,’ zegt ze op droefgeestige toon, ‘en maat 40 hebben ze niet meer,’ jammer ze erachteraan. Ze slaakt een zucht, geeft het dichttrekken van de rits op, en gaat een beetje Bourgondisch met haar buik vooruit staan.

 

Oh mensen…laat ik nou maat 40 in mijn hokje heb hangen! Doe ik of ik gek ben of zal ik hem haar aanbieden? Ja, ik ben me daar een haartje betoeterd, nee hoor, ik heb zin haar lekker dwars te zitten. Speciaal om het er nog een beetje in te wrijven, zeg ik: ‘Deze jurk neem ik.‘ Met gekwelde ogen kijkt ze naar me in de spiegel.

 

Ik loop terug naar mijn hokje en word overvallen door een knagend gevoel. Wat is ‘t ook alweer? Het duurt een tijdje voordat ik het herken. Het is…het is…ahh… ik weet het! Het is mijn zelfcorrigerend vermogen! Ik grijp de jurk in maat 40 en duw ‘m in de handen van de deftige dame. Van verbazing valt haar kin bijna op de winkelvloer. ‘Oh mevrouw…wat ontzettend attent!’zegt ze koket. Duizend zorgen glijden van haar gezicht. Wat is geluk soms toch simpel.

(De foto van het pashokje is uiteraard maar een grapje…)

10 thoughts on “De deftige dame

  1. Met dit soort acties kom je in de hemel, Kakel. Een medium harpje en een wolkje maat 39 zal je deel zijn. Plus een koor van 40 overrijpe engelen die allemaal een maat 40 pij met vleugeluitsparing aan hebben en heel hoog zingen. Hulde voor jou.

  2. wie heeft dat bedacht, ik bedoel dat er niet altijd meer spiegels meer in de pashokjes zijn? grrrr. maar ach je verhaal,het blijkt wel, we hebben er allemaal mee te maken, gewoon een beetje lachen en aanpassen, ben je wat dunner dan de ander dan is dat mooi meegenomen, anders…volgende keer beter, dan heeft zij geluk.

    ha ha groetjes (*_*)

  3. Ben het met Erna en Janny eens: ‘buitenspiegels’ zouden verboden moeten worden. Anderzijds maar goed dat dit verbod nog niet geldt, anders hadden we dit kostelijke stukje moeten missen 🙂

  4. Wat is dat toch een achterlijke uitvinding: pashoekjes zonder spiegel! Tegenwoordig weiger ik daar aan mee te doen en laat ik ook weten dat ik weg ga omdat ik niet gedwongen wil worden midden in de zaak voor een spiegel te staan. Ik hoop altijd dat het helpt om dat verschijnsel te laten verdwijnen. Als ze het maar vaak genoeg te horen krijgen gaan ze er hopelijk over nadenken.
    Janny

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *