Vurwende soddemieters

Het is windstil met een helderblauwe lucht. Mijn adem stoomt in wolken naar buiten. De overgang van de wal naar de sloot is op sommige plekken moeilijk te zien en bij tijd en wijle zak ik kuitdiep in de sneeuw weg. De witte wolbalen midden in het weidse landschap blijven dicht bij elkaar staan en krabben met de voorpoten de sneeuw weg op zoek naar gras. Eentje houdt de boel in de gaten zodat de rest pootje voor pootje op grasjacht kan.

Halverwege liggen drie roerloze gestalten. Zouden het dode schapen zijn of liggen ze op hun rug, want er zit totaal geen beweging in. Ik klim over een hek en loop in hun richting. Vlakbij gekomen zie ik dat het gedeeltelijk ondergesneeuwde bonken hooi zijn. Aha, bijvoer voor de dames. Das mooi, want hun buiken zitten vol pootjes.

Als ik me omdraai voor de terugweg, staat de boer bij ’t hek. Ik steek m’n hand op. Een minimaal knikje met zijn hoofd is zijn antwoord. We kennen elkaar van gezicht.

Alhoewel, met de muts die ik op heb…

Zonder muts, sjaal of handschoenen staat hij met open jas doodleuk tegen ’t hek geleund. Een verrekijker om zijn nek. Tweemaal daags controleert hij de kudde.
‘Daagie daat ze dot ware?’ vraagt hij als ik dichterbij kom. Ik knik en voel me ietsiepietsie betrapt.

‘’t Binne vurwende soddemieters,’ zegt hij. ‘Ze krabe liever met du potte de sniw weg voor un plukkie dot graas, dan da ze ingekooild graas vrete. Net zo eigenwijs als vrouwen,’ vervolgt hij in dialect. Hij kijkt me recht in de ogen kijken, zodat ik goed begrijp wat hij bedoelt. Ik grinnik; hij zegt het met een twinkeling.‘IJzersterk soort hè, om onbeschut bij min tien de nacht door te komen,’ zeg ik bewonderend.
‘Mijn zoon heeft voor hij vanochtend naar ’t werk ging, ‘t gras neergegooid, maar ze blieven ’t niet, zie je ‘t? Ik zou ze liever binnen halen, maar dat moet met de veewagen en dat levert teveel stress bij ze op.

Heb je ’t koud? vervolgt hij op dezelfde toon. Vol verbazing ziet hij hoe ik me tot de wenkbrauwen heb ingepakt en ’t nog niet warm heb. Dat moderne volk ook. Hij stapt in zijn auto, waarvan het raampje tot halverwege openstaat en ik graaf mijn fiets uit. Als de sodemieter naar huis. Hopen dat ik niet doodvries onderweg in mijn dikke jas, thermohemd en handgebreide 100% wollen schapentrui.

32 thoughts on “Vurwende soddemieters

  1. Hahahaha, ‘Daagie daat ze dot ware?’ Ik hoor het hem bijna zeggen en ik ken hem niet eens! Hilarisch! (maar ook wel lief…. van jou dan, hè… 😉 )

  2. Vurwend? volgens mien zien ze gewoon hagelstien dom en begriep’n ze nait dat het gras om te vreet’n is!

  3. Ah, mooi winterverhaal … brrrrr, net of ik in dat weiland sta haha!
    Maar die 2 aandachtspuntjes … lukt het daarna nog steeds om je volgende verhaal spontaan en enthousiast te schrijven? En hou je ondertussen in gedachten dat iemand je verhaal kan gaan ‘corrigeren’?

    • @ Desire: op zich ben ik blij met de feedback van Plato. Maar wat je schrijft, heb ik zelf ook: een spontaan nieuw verhaal schrijven wordt idd lastig…

      • Kakel, als je het vervelend vindt dat ik wat zeg over kleine tekstfoutjes, zeg het maar gerust. Dan stop ik er meteen mee, want ik wil je niet in de problemen brengen. Weet je toch wel he?

  4. Ha ja, ik herken het verhaal. Geeft trouwens niks, het blijft een mooi verhaal! 🙂
    OT Mijn ‘Weblog’ verhalen zijn vandaag overgezet naar WordPress. Moet ze nog wel verbeteren maar dat kan niet in één keer.

  5. whhhhhhhaaaaaaa kakeltje,
    wat een knappe dieren hé, en wij maar bibberen zeg 🙂

    niet te geloven toch hé zo’n boer ook:-)

  6. Prima verhaal. Ik heb het met veel plezier geconsumeerd.

    Mag ik twee puntjes aanroeren? Alleen omdat je zo’n goede schrijver bent hoor.
    Regel 5: 2x het woord staan.
    Alinea 6:
    Dat is er een in de serie: ‘het groene gras.’
    Je schrijft: ‘vervolgt hij in dialect’.
    Dat kun je m.i. beter alleen schrijven als je de regels daarvóór in het Nederlands schreef. Nu heb je het in dialect geschreven. Dus dat hoeft niet nog eens uitgelegd.

    Moar verdr’… boernpetje aaf hoar. Primoa verhoal. Moar da zai ek al (in dialect dus). Whahahahahahaha.

    • @ Plato: bedankt voor je aanwijzingen. Regel 5 heb ik direct meteen onmiddellijk veranderd. Het pleonasme laat ik deze keer staan, maar de volgende keer zal ik het niet meer doen. Erewoord 😉 En met “vervolgt hij in dialect” bedoel ik, dat het boertje verder doorpraat in dialect, maar dat ik het in het “Nederlands” opschrijf, als gemak voor de lezer. Als je mijn uitleg leest, kun je je daar dan in vinden, of vind je het nog steeds storend??

      • Mirjam, het stoort me niet. Maar fouten storen me hoe dan ook niet, tenzij het er onmogelijk veel zijn. Het is meer dat ik je er mee denk te helpen omdat ik weet dat je goed schrijft en jezelf graag verbetert. Nee, ik zou die zin niet zo schrijven want ik ben ooit opgeleid om pleonasmes, contaminaties, Germanismes, methonymia en andere gedrochten te herkennen. Dat leidt vaan tot irritante kanttekeningen die ik niet zo meen hoor.

        Ik vind wel: jij moet zelf beslissen of je iets veranderd of niet. Jij bent eindredacteur van je eigen stuk. Het zou niet goed zijn daar op in te beuken 🙂

        Nog bedankt voor je adviezen aan Petr@. Ze staat nu in mijn linkenlijstje en heeft een heel leuke 50/50 geschreven.

        (Plato huppelt blij naar eigen weblog*).

  7. Wat een schitterend verhaal!!!

    En ja zo zie je maar…. wij maar denken ‘goh wat zielig voor die dieren’ terwijl ze gewoon hun zin krijgen 😉

    -x-♥

  8. Leuk geschreven mam!
    En als ik zo die foto’s zie: ik ben heel hard aan het duimen dat we binnenkort kunnen schaatsen! 😉

  9. Een heel sfeervol verhaal over verwende dames 😉 Zo verwend zijn ze nou ook weer niet hoor als ze nu gewoon buiten staan !
    Mijn handschoenen en muts liggen nog in de winterslaap maar de eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik nu niet op de fiets stap,dat doe ik alleen in de zomer!

  10. Geweldig! Ben dol op schapen trouwens, die stoïcijnse blik en zou de boer in de overgang zijn? Ik heb ook alleen een legging en jurk aan maar totaal niet koud 😉

  11. Deze herinner ik mij en ik ‘zie’je staan langs de slootkant……….Zou de lente 1 februari wel halen?Het ijs vloertje is denk ik nu wel naar de knoppen…tja

  12. Hihi zo ga ik ook meestal op pad. Bang om te bevriezen. Maar overal waar ik loop smelt de sneeuw omdat ik het zo snikheet heb 😉

Reacties zijn gesloten.