Keek op de week (227)

Stond in bieb. Op tafel waren boeken uitgestald in vorm van gewaaierde cirkel.
Was alsof ik wist wat ging komen. Het was bijna eng.
Terwijl ik keek, begonnen boeken te glijden en vielen allemaal om.
Vaste vrijwilliger keek mij aan.
‘Zonder handjes!’ lachte ik.
‘Was idee van bibliothecaresse,’ fluisterde hij. ‘Ze is nieuw.’
Fietste langs boerenerf waar vrouw voorovergebogen onkruid uit grind stond te trekken.
Ik stopte. ‘Mevrouw, mag ik u iets vragen?’
Boerin streek handen af aan werkschort en knikte.
‘Waarom hebben uw buren het ooievaarsnest uit de tuin weggehaald? Er broedden ieder jaar ooievaars.’
‘Stadse lui,’ zei vrouw met afkeurend gezicht. ‘Zijn hier komen wonen voor hun rust. Houden niet van takken, mos, en rommel. Er sprong weleens een kikker uit het nest, of de ouders gooiden een dood jong overboord. Dat is de natuur. Vinden stadse mensen onhygiënisch.’
‘Broedende ooievaars zijn toch een compliment voor je tuin?’ zei ik.
‘Precies! Het zijn zeurpieten. Klaagden dat jonge ooievaars ’s ochtends vroeg piepten omdat ze gevoerd wilden worden. Koeien loeien ’s nachts te hard, en ze hebben een klacht ingediend over geluidsoverlast door melkwagen.’
‘Van de Melkunie?’ vroeg ik ongelovig.
Vrouw knikte, zette handen in zij, keek me aan met een wat-vind-je-daar-nou-van-blik, en zei: ‘Mijn schoonmoeder zaliger zou zeggen: ‘Als je zoveel rust wilt, kun je beter in zes planken onder de grond gaan wonen.’
Fietste langs Loet en zag onderweg Karin naast fiets staan. Woont in dorp. Was vaste klant van mijn groenworkshops en met afstand de gezelligste.
‘Heb je pech of wacht je hier op de intocht van Sinterklaas?’ vroeg ik.
‘Jij zal nik hebben,’ schaterde ze. ‘Mijn accu is leeg. Een uur geleden was-ie vol – 5 streepjes – en ineens leeg. Dit is mijn tweede accu in twee jaar! Zou iemand erin trappen als ik ‘m terplekke te koop aanbied?’ grapte ze. Serieuzer: ‘Mijn telefoon ligt thuis.’
Reikte haar mijne aan. Haar man is gepensioneerd buschauffeur met heimwee die graag mensen rond rijdt.
Karin gaf telefoon terug. ‘Bedankt. Bert is onderweg.’
‘Weet je dat er een slimme stekker is die de levensduur van je fietsaccu verlengt en oververhitting voorkomt?’ vroeg ik.
‘Heb jij óók een e-bike?’ vroeg Karin enthousiast.
Keek dorpsgenoot aan en zei teleurgesteld: ‘Ik dacht dat wij vrienden waren.’
Karin boog haar hoofd en sprak nederig: ‘Sorry. Hoe kan ik dit nog goedmaken?’
We keken elkaar aan en kregen slappe lach.
Eenmaal in de auto beloofde ze: ‘Ik zal een goed woordje voor je doen bij Sinterklaas!’
Als vrouw wil ik weleens iets anders. Geen andere man maar afwisseling.
Naast onverharde pad lagen allemaal U-bochtjes. Een graspaadje langs bomen, stukje sloot, weer bomen en over graspaadje terug naar pad. Zeven U-bochtjes op een rij.
Meneer sloeg me gade. Spiedde nog eens om en dacht: die vrouw is van het padje.
Hij was niet de enige.
Rosa keek toe. Baas, ik loop vast zachtjes door.
Thuis wachtte tweede verrassing. In Strava-app zag ik een halverwege route klein bibberlijntje. Alsof ik in dronkenschap parcours had afgelegd. En dat terwijl ik sinds eeuwwisseling droog sta!

Ik dacht dat ik de enige was die nooit de kortste weg nam. maar goed, die malloten van dat nest moeten ze eens even in een gierput laten zakken, of mag je dat niet zeggen. Maar toch, als het waar is dat die ooievaars kindjes brengen….
Hou op hoor. Ze gaan de stad uit voor de rust. En maar klagen dat er geluid wordt gemaakt. Maar wel zeggen dat ze van de natuur houden. Als ze hier zouden wonen zouden ze waarschijnlijk klagen dat het luchtalarm zoveel herrie maakt. Je wordt er in de nacht wakker van.
Love As always
Dimario
Nou moe, dacht dat logje over mij ging… hoeveel wijze schoonmoeders zijn er nou helemaal. 😉