Jack en de Drollenvanger

Keek op de week (234)

Wandelde met Rosa in koeienbos. Naderde man die drollenvanger en houthakkershemd droeg. Zijn halflange grijze haar hing futloos langs zijn gezicht. Vlak voor passeren, sleurde hij zijn Jack Russell berm in. Jack maakte hapbewegingen en draaide blaffend rondjes als een malle.
Rosa liep langs alsof man en hond in andere dimensie leefden.
‘Rot op met je teringhond,’ snauwde Drollenvanger.
Vaders maneschijntje. Ik proestte toen ik chagrijnige gezicht van kerel zag.
‘u bent nog saaier dan de deurknop thuis,’ knikte ik man gedag.
‘Vrouwen hebben altijd een weerwoord.’
‘Dat heet communiceren. Meneer, u zou eens wat vaker moeten lachen.’
Drollenvanger pruttelde nog wat na.
Weet je wat vrouwtjes octopussen doen, wanneer die genoeg hebben van mannetjes octopus? Dan gooien ze steentjes naar ‘m.
Op wandelpad wemelde het van steentjes.
Oh, die verleiding.

Liet oudere vrouw met stok voorgaan bij tankstation. Ze stapte shop in en zei gekscherend: ‘Goed dat ik eerst mag, want ik had je gerust getackeld. Met mijn nieuwe knie ga ik overal gestrekt naar binnen.’
Haar ogen kregen doordringende blik. ‘Had jij mij daarna ook getackeld?’ vroeg ze.
‘Ik vrees van wel,’ antwoordde ik.
We lagen dubbel.
‘Zijn we allebei even slecht,’ sprak Nieuwe Knie.

‘Ik ben tegen vloeken,’ zei man met streng gezicht en gereformeerde kleding. Hij presenteerde ongevraagd folder voor mijn aangezicht en liet die in mijn winkelmand in AH vallen.
Zie ik er uit als de oudpapier doos?
‘Ik ben tegen discriminatie,’ zei ik beleefd, ‘met name binnen de kerk.’ Pakte folder en flikkerde die in zijn karretje.
Ik heb óók zendingsdrang.

Op straat sprak dorpsbewoner me aan. Vrouw is dementerend en woont nog zelfstandig.
‘Deze foto vond ik tussen het oudpapier. Ik heb ‘m voor u bewaard. Uw dochter staat erop.’ Ze gaf me foto van baby met donkere ogen en bos donker haar.
Roos was kaal als spreekwoordelijke biljartbal met rode zweem die hoop bood voor toekomst.
‘Bedankt dat u aan me heeft gedacht, maar dit is niet mijn dochter.’
‘Jawel,’ zei vrouw. Haar zwart geverfde haar maakte haar gezicht zo bleek als was.
‘Dit is uw dochtertje. Ik zie het toch?’
Vrouw weet kennelijk dat ik dochter heb, óf ze kan goed gokken.
‘Dank u wel dat u de foto voor me heeft bewaard.’
Ze keek verguld. ‘Heel graag gedaan.’
Zou leuk zijn als AH Holle Bolle Gijs had als in Efteling: ‘Papier hier! Dank u!’

Jaarlijks worden in herfst alle sloten uitgebaggerd voor goede doorstroming.
Op polderweg stond graafwerktuig waarvan rupsbanden breder waren dan wegdek. Stapte van fiets om door berm te lopen, maar bestuurder van baggerapparaat hief hand.
Stop! Help is on it’s way.
Hij manoeuvreerde werktuig dusdanig dat er halve meter asfalt tevoorschijn kwam.
Voor mij!
Maakte buiging en met zwierende arm een dankgebaar.
Bestuurder legde hand op borst, hield hoofd scheef en maakte ahhhhh-gebaar met mond. Het was net een toneelstuk. Na kilometer fietsen, lachte ik nog.

Wie doet er mee aan het leukste spel van het jaar, dat 26 november begint? Dagelijks een rebus, raadsel, kruiswoordpuzzel o.i.d. oplossen t/m 5 december. Laat je hersens kraken!
Geef je HIER op. Prijs: eeuwige roem. Beleef mee of Edward voor de 3e keer wint (-:

Dromen, vissen en zagen

Keek op de week (233)

‘Ik heb u een tijd niet gezien,’ zei ik tegen visser in bootje naast ophaalbrug bij Reeuwijkse plassen. Verderop klotste water tegen kale zeilbootjes. Man zat daar zomer/winter – pal naast fietspad – te hengelen. ‘Vroeg me af of u naar Bahama’s was verhuisd.’
‘Naar de Bahama’s!’ zei man met bulderende lach. ‘Van mijn pensioentje?’
Stilte. Daarna, serieus: ‘Ik ben ziek geweest. Kanker. Tijdens iedere chemo dacht ik: zodra ik beter ben, ga ik weer vissen op mijn vaste stek. En nu zit ik hier weer.’
Hij slikte iets weg.
‘Die krengen bijten nog steeds niet. Ze vreten wel mijn aas op.’
‘Dus eigenlijk voert u de vissen?’ stelde ik.
‘Ja, zo kun je het ook zien,’ bulderde man weer.
‘Goed om u weer te zien.’
‘Bedankt…bedankt dat u…aan me hebt gedacht,’ zei hij geëmotioneerd.

‘Ha Kees!’ groette man andere man bij groenteafdeling in AH. Hij droeg spijkerbroek en poloshirt, en had krop ijsbergsla in hand.
Kees liep op Poloshirt toe. ‘Tijd geleden, man. Hoe bevalt het in Friesland?’
‘Uitstekend. De dichtstbijzijnde buren wonen een kilometer verderop.’ Hij pakte nog een ijsbergsla in andere hand en hield beide kroppen voor zijn borst. Hij trok zijn wenkbrauwen omhoog, knipperde met zijn ogen en grijnsde.
Beide mannen schaterden.
‘Hé man, ik kom een keer bij je op de koffie,’ zei Kees.
‘Had ik je uitgenodigd dan?’ Waarna Poloshirt er snel aan toegevoegde: ‘Stuur gewoon effe een appje.’
‘Doe ik. Hoe ben je eigenlijk in Friesland terecht gekomen?’ vroeg Kees.
‘Over de Afsluitdijk.’

Deurbel ging.
Liep naar keukenraam om te kijken wie op stoep stond.
Studentikoos type in windjack met iPad in hand. Moest ik weer naar slecht verhaal over goed doel luisteren. Mijn gegevens ophoesten en geld overmaken. Wil best geld in collectebus stoppen, maar teken noppes.
Ik schudde nee.
Student hield legitimatie omhoog.
Zwaaide dag met hand.
Windjack zette stap in tuin en hield ID tegen glas.
Trok luxaflex dicht.
Joris schudde schaterend nee.
‘Met voordeurbelcamera was ik op stoel blijven zitten, hè? Is het belangrijk dan stoppen ze maar folder door brievenbus. Wat is er?’ vroeg ik, toen Joris almaar nee bleef schudden. Hoopt hij nou nog steeds dat ik fatsoensrakker word?
‘Niks,’ snikte hij. ‘Ik zie het gewoon voor me.’

Droomde dat ik door golvend landschap met stokoude bomen wandelde. Achter onbekende man aan. Vreemd genoeg voelde hij vertrouwd. We liepen achter elkaar over geitenpaadje en zwegen.
Soms was ik Onbekende kwijt vanwege mistflard. Tijdens opklaring stonden we in de zon bij eenvoudige houten schuur. Glas in sponningen. Openstaande deur, vastgezet met klink. Op de vloer lagen houtkrullen.
Binnen rook het naar koffie en zaagsel. Op houten bank lag een potlood en opengeslagen puzzelboek met doorlopers, in een welbekend handschrift.
Onbekende man was mijn vader.
Met die constatering werd ik wakker. En weende. Waarom zeiden wij niets tegen elkaar?
Omdat het in dromen zo niet werkt. (Tenzij je lucide kunt dromen.)
Besloot dat het een goede droom was. Mijn vader mag dan dood zijn. Ergens – op een fijne plek – zaagt en timmert hij alsof zijn leven ervan afhangt.

Wie oh wie heeft zin mee te doen aan authentiek Sinterklaas-surprise-spel van Melody?
Klik HIER voor meer info en om je op te geven.

Foto Pixabay by ELG21

De drie uitslovers

Keek op de week (232)

‘Leuke spijkerbroek met hartjes heb jij aan,’ zei vriendin Mar in bakkerij waar wij verse  muntthee bestelden. ‘Heb jij die zelf geborduurd?’ vroeg ze ongelovig.
Ik stond bij haar duidelijk in categorie: #kangeenknoopaannaaien.
‘Ga eens staan,’ commandeerde Mar. Ze wees naar zijkant broek en vroeg: ‘Wat staat daar?’
‘We can be heroes.’
‘Waar is dat van? vroeg ze.
Waar is dat van? Sjezus mina! Ken uw klassiekers!
Dacht terug aan toen Mar vorig jaar terugkwam van vakantie uit Frankrijk. Ze liet mij foto op telefoon zien. Foto van haar met zongebruinde man met vriendelijk gelaat. Achterover gekamd grijs haar, roze overhemd met spencer in pasteltinten. Was het een Fransman of BN’er? Een zanger, iemand van tv? Kon niemand bedenken. Waarop Mar ontsteld riep: ‘Hij is van de Meilandjes!’
Het zei me geen jota, maar nu staan zij en ik wel quitte.
Gretig vroeg ze: ‘Wil jij op mijn spijkerbroek ook hartjes borduren? Hoeveel kleuren garen heb je?’
‘Wel honderd.’
En dan naai ik er ook nog een knoop op.

Bij speelplein vroeg jongetje. ‘Was jij je handen voordat jij iets eet?’
‘Meestal wel, maar soms vergeet ik het.’
‘Wanneer vergeet jij het?’
‘Als ik kaakje uit trommel pak,’ zei ik. Moest oppassen dat ik opvoeding van kind niet naar gloria hielp.
‘Wanneer was jij je handen wel?’ vroeg jongetje.
‘Na het poepen,’ zei ik. Dat was in elk geval eerlijk.
‘Poepen!’ riep hij schaterend. Hij maakte dansje terwijl hij zong: ‘Poepen scheten kakkie drol stront poep kont.’
Werd terug gekatapulteerd naar rommelzolder van mijn geheugen. Was ik vier? Springtouwend zong ik zelfde soort liedjes. Buren spraken er schande van.
Ben best redelijk terecht gekomen.

Voor me op fietspad reden drie mountainbikers uitsloverig naast elkaar.
Belde om te kunnen passeren.
Er werd gekeken. Ingehaald worden door vrouw op racefiets? Aan hun nooit niet!
Ze gingen harder fietsen. Was dit het hoogtepunt van hun dag?
Na tijdje keken ze achterom, verwachtend dat ze me op afstand hadden gereden.
Deed tralala met vingers.
Kon erlangs door berm. Niks mis met beetje veldrijden. Kwestie van terugschakelen, tempo maken en elleboog uitsteken, maar ik rook een kans. Mountainbikers waren onbekend met route, en ik vermoedde dat ze bij t-splitsing rechtsaf gingen.
Jawel!
Twintig meter verder is haakse bocht naar links, door bomen en struiken aan zicht  onttrokken. Het trio hield te veel rechts aan en reed zich vast in grindlaag op boerenerf.
‘Goed gedaan, meiden!’ riep ik ze na.

‘Zie je iets bijzonders aan deze theedoek?’ vroeg Man. Hij hield lap stof omhoog waar drie gaten in zaten. Door een gat zag ik bekend kleur oog.
‘Ja, die is leuk! Blauw met wit, en rode bloemen.’
‘Er zitten drie gaten in!’ riep Joris.
‘In jouw onderbroeken zitten vier gaten,’ verdedigde ik droogdoek.
‘Deze kan je toch niet ophangen? Als er visite komt…’
Na het woord visite proestte ik. ‘Dan vindt visite daar toch iets van? Trouwens, er komen  hier alleen lieve familie en echte vrienden. Die malen nergens om. En de theedoek is nog uit de Bouwvereniging (mijn dijkhuis.)’
Zwijgend hing Joris de doek met gaten terug.

De spaghetti-koe

Keek op de week (231)

Foto: Pixabay – AdelineZW

Het Schuifeloudje is overleden.
Anderhalf jaar geleden werd ze opgenomen in een gedateerd verpleegtehuis.
‘Wat een ouwe meuk,’ klaagde ze.
Haar kamergenoot – Fien – was een zo goed als blinde vrouw van 97 jaar. Zachtmoedig en bescheiden. Kreeg 5 kinderen en 16 pleegkinderen.
‘Ze is ver-schrik-ke-lijk katholiek,’ zei Schuifelbejaarde op toon alsof kamergenoot builenpest had. ‘Elke ochtend vraagt ze of ik haar kwartier wil voorlezen uit bijbel. Daar heb ik geen zin in,’ sprak ze nukkig. ‘En ‘s nachts steelt ze mijn chocola!’ priemde ze met wijsvinger naar lege bed van ‘dader.’
Om Fien voor verdachtmakingen te behoeden, kocht ik voor haar ook chocola.
‘Waar is dat voor nodig?’ informeerde Schuifeloudje. ‘Je komt toch voor mij?’
Begin april verhuisde het Oudje met bewoners en personeel naar nieuw pand, met eigen kamer met douche en wc. ‘Ik vind de inrichting niet mooi; ik hou niet van blauw,’ mopperde ze.
Het gebruik van eufemismen was haar vreemd. Tegen een bewoner die ze niet aardig vond en die haar kamer binnenkwam, riep ze: ‘Oprotten!’
Dat ze door haar eigen gedrag ‘eenzaam’ oud werd, realiseerde ze zich niet.
Haar gezondheid ging achteruit en ze werd weer het Ligoudje. Ze overleed in haar slaap.
Tot het laatst werd ze liefdevol verzorgd door het personeel. Een van hen zei bij het afscheid: ‘Ze was een aardige vrouw maar kon fel uit de hoek komen.’
Over de doden niets dan goed, hoor ik je denken.
Wel: ze kon goed schoonmaken en ze hield van zingen.
Wat rest is stilte. Stilte, omdat de juiste woorden soms niet te vinden zijn.

Zette fiets tegen hek en holde naar boerderij. Bonkte op voordeur, stal- en zijdeur. Riep: ‘Hallo! Vol-lek!’ Gluurde door ramen. Drie auto’s en fietsen stonden op erf.
Geen mens te zien.
Ik liet het bezinken en ineens wist ik het: Het was zondagochtend. Iedereen zat in de kerk.
Hoelang zou dierenambulance erover doen?
Te lang.
Maar ja, ik kon niet niks doen, want dan ging koe dood. Sprak mezelf moed in: Joris zou het óók doen. Klom over hek. Raapte plat plastic ‘touw’ van grond en bond uiteinde stevig om hek. Dubbele knoop erin.
Andere eind had rund in haar bek. In tussentijd dat ik bij boerderij rondliep voor hulp, had ze minstens vijf meter opgevreten. Zou beest denken dat het spaghetti was?
Wachtte tot koeien uit zichzelf naar mij toe kwamen. Ze snoven aan broodje kaas in achterzak. Een tong likte aan mijn mouw. Als dat geen liefde is (-:
Spaghetti-koe stopte met kauwen en keek me met grote ogen sprakeloos aan.
‘Je bent lief,’ zei ik, ‘maar niet zo snugger.’
Sjorde aan touw, en slijm en speeksel glibberden door mijn hand. Het was zum kotsen. Geen bloed.
Koe hield bek open en ik trok laatste stuk plastic eruit.
Sjorde alles goed vast om hek en spoelde handen schoon in de sloot.
‘Dag koe, het ga je goed!’

Liep met Rosa midden in de polder en zag wonderbaarlijk fenomeen. Moest knipperen met ogen om het te kunnen geloven. Een km van bewoonde wereld had iemand figuren in gras gemaaid. Nieuwsgierig wandelde ik eroverheen. De eerste was een rotonde met maar één in-/uitgang, die overliep in twee niet nader te omschrijven figuren. Had ik maar een drone gehad.
Was dit het werk van zich bewusteloos vervelende pubers? Iemand die zijn nieuwe grasmaaier wilde uitproberen? Tekens van een Marsvrouwtje? Uit de hand gelopen hobby? Een challenge? Vrijgezelligfeest van een hovenier? It beats me completely.

De afvallige

Keek op de week (230)

Pakte broodje uit schap en stopte het in wasbaar zakje. Broodje nummer twee viel voor mijn voeten op grond. Raapte broodje op en legde het op broodbalie.
Zei: ‘Sorry, heb deze op grond laten vallen.’
Jongeman – lang, bleek, acné – keek verveeld.
Snap dat puber er opwinding niet van afzag.
Hij graaide broodje weg en smeet het richting afvalbak. Naast. Weifelend keek hij naar mij.
‘Geef jezelf nog een kans!’ moedigde ik hem aan.
Raak!
Jongen schopt het nog ver.

Aan buitenkant politiebureau in Oudewater hingen bordjes. ‘Verboden fietsen te plaatsen.’
Kwam dat even goed uit!
Gooide racefiets om schouder en stapte bureau binnen.
Agent achter balie trok eerst wenkbrauwen op en schoot daarna in lach. Zestiger, wit haar en vriendelijk gezicht. ‘Dit heb ik nog nooit meegemaakt.’
‘Het is denken in oplossingen, toch?’
‘Ik zal niet zeggen dat dit bedoeling is, maar het is zeker creatief. Wat kan ik voor u doen?’
Ik wil graag een gevonden telefoon afgeven,’ zei ik, en legde die op balie.
Agent keek in hoesje – met bankpassen – en trok toetsenbord naar zich toe.
‘Ik vond ‘m langs de Linschoten….bij ophaalbrug even voorbij galerie-boerderij.
Man knikte dat hij locatie kende.
Typend met twee vingers vroeg hij: ‘Wilt u gegevens achterlaten zodat eigenaar contact met u kan opnemen?
‘Alstublieft niet. Ik ben blij dat ik ervan af ben.’
‘Bedankt dat u netjes en creatief uw burgerplicht hebt gedaan.’
Liep proestend bureau uit.

Gebeurde tijdens winkelexpeditie met Man. Hij wachtte buiten terwijl ik afrekende in Hunkemuller, want meegaan winkel in, is Joris een beha te ver.
Kwam A. tegen en zij begon gesprek. Toen A. even ademhaalde, haastte ik me te zeggen dat Joris op me stond te wachten.
‘Wie is het?’ vroeg A. ‘Die aan de overkant?’
Knikte.
‘Knappe vent! ‘ riep A. ‘Lang en slank, en hij heeft al zijn haar nog!’
Probeerde met nieuwe blik naar Joris te kijken. Hij zag me loeren en knipoogde.
‘Sjézus!’ riep A. ‘hij knipoogt zelfs nog naar je. Ik ben blij wanneer mijn man me gedag zegt als-ie thuiskomt van zijn werk.’
‘Knipoog eens naar hem,’ adviseerde ik. De wetenschap dat Joris niet opkijkt als ik nakend voor zijn aangezicht verschijn, hield ik voor mezelf.

‘Ik ben uit de kerk gestapt,’ zei Astrid. Dorpsgenoot, 82, vitaal, vrolijk en met vleugje lippenstift. We stonden in de zon bij het carillon.
‘Waarom?’ vroeg ik.
‘Een man –  homo – heeft sinds kort een vriend waarmee hij samenwoont, en de nieuwe dominee vindt dat de homo moet kiezen tussen zijn relatie en de kerk.’
‘Heb uw naasten lief behalve als ze homo zijn.’
‘Kortzichtig gedoe! Het was de laatste druppel,’ mopperde Astrid. ‘Helft van de mensen uit de kerk die ik mijn hele leven ken, praat nog amper tegen me.’
‘Ben je verdrietig?’
‘Nou…nee. Het is meer dat ik dacht dat ik op mijn leeftijd alles wel had meegemaakt. Mijn kleinzoon had ook homo kunnen zijn, hè? Het is geen keuze of een ziekte. En nu zien ze mij als ‘afvallige.’
‘Wees niet bang om anders te zijn. Wees bang om hetzelfde te zijn.’
‘Die ga ik onthouden.’
‘Ik ben trots op je dat je het hebt gedaan,’ zei ik en gaf Astrid een knuffel.
Ferm zei ze: ‘Ik ook! Kom, ik trakteer.’ Ze schoof haar arm door de mijne en sleurde me mee naar tearoom. Daar moest op gedronken worden.

Foto Pixabay – 4033402/By NickyPe