Keek op de week (138)

Vorig najaar gingen keuken en douche eruit. Wij ook. Bivakkeerden veertien dagen elders in stacaravan. Wat je noemt kRamperen. Zelfs Rosa wilde naar huis.
Noemden caravan hut. Hut had geen gordijn voor keukenraam. Joris had oude papieren waszak van hotel bewaard. Ik knipte zak open en propte die tussen raam en hor.
Vocht in hut droop van ramen en wanden wegens gebrek aan ventilatie. Omgekeerde emmer diende als nachtkast voor wekker. Koffietafel was zo laag, leek zitplaats voor dwergen. Hadden gespikkelde verlichting dankzij dode vliegen in plafonnieres. (Wellicht idee voor industrieel ontwerper?)
Internet lag er tijdelijk uit. Tijdelijk bleek rekbaar begrip van twee weken.
Had een dag onderzoeken in Erasmus MC. Keek er zowaar naar uit want: wifi.
Roos kwam middagje op bezoek. ‘Zou hier gillend gek worden,’ rilde ze.
Eindresultaat thuis is prachtig geworden!
Pakte telefoon uit mijn wielershirt, en wachtte tot open koets met bruidspaar door poort reed. Wilde foto van kasteelpoort van Haarzuilen maken.
‘U mot hier komme!’ hoorde ik vrouwenstem in plat Amsterdams roepen.
Hoorde voetstappen door grind dichterbij komen. Bleek vrouw het tegen mij te hebben.
Helaas, met zinnen in gebiedende wijs doe ik niets.
Vrouw riep: ‘Hé, hé, hé,’ en wilde haar geverfde vingernagel in zadel van mijn racefiets duwen. Was ze door ratten besnuffeld?
Wapperde met mijn hand dat ze moest opzouten. ‘Mevrouw, u mag alleen kijken, hoor.’
‘Wat issut for merruk?’ snerpte haar stem. Schichtig wees ze naar zadel.
Moeite met begrijpend lezen? Ah…daar kwam het.
’S e l l e I t a l I a. Wat betekent: L d y?’ vroeg ze.
Wilde zeggen: gentleman.
‘Hoe zit-ie?’ snerpte vrouw verder.
‘Ge-wel-dig.’
‘Dan moet ik die hebben,’ besloot ze.
Succes, dacht ik, daar zijn maar honderd soorten van. Zei uiteindelijk: ‘Maak maar even een foto.’ Stel ik me eens vriendelijk op, wilde ze selfie met mij maken. ‘Alléén van het zadel!’
Droomde dat ik examen moest doen. Probeerde me koortsachtig te herinneren voor welk vak. Sterker nog: zelfs studie was me onbekend. En ik zat in het vierde jaar! Vroeg het aan studiegenoot. Kreeg zowat beroerte: verpléégkunde. Wil dat patiënten niet aandoen. Zakken leek me beste optie. Nog beter was: wakker worden.
‘Er is een koper voor je auto,’ zei Man toen ik uit bed kwam.
Wat je noemt een indrukwekkende mededeling, doch ik zei: ‘Geen belangstelling.’
Joris stuiterde door het huis als een kleuter na consumptie van te veel E-nummers. ‘Wil je niet weten wie belangstelling heeft?’ vroeg hij.
‘Nee, want ze staat niet te koop.’
Hij móest het kwijt: ‘De bezorger van de krant. Hahaha. Vanochtend sprak hij me aan toen ik Rosa uitliet. Zijn zoon is geslaagd voor zijn rij-hij-hij-bewijs.’ Joris rolde over grond van de lach en schaterde: ‘Kan hij zeggen dat de auto van een…hahaha…oud vrouwtje is gewee-hee-heest.’ Hij snikte nu.
‘Wanneer ik zin heb zal ik er een keer om lachen,’ beloofde ik. Morgen. Of volgend jaar vrijdag.’
Haalde op de fiets kudde elektrische scooters in. Gehuurd bij dezelfde uitbater. Allemaal jonge meiden met kroontjes op het hoofd. Zag eruit als vrijgezellenfeest. Eén droeg zwart/wit gevlekt pak, nephorens en een pluchen bel. De aanstaande bruid was gekleed als koe! Het arme schaap.








