Ezels en stenen

Keek op de week (87)

Man kwam volkomen verzenuwd thuis. Kwakte krat met boodschappen voor hele week op plavuizen, en luchtte hart. ‘Niet normaal! Januari en liggen paaseitjes al in winkel. Dacht dat het overgebleven kerstrommel was, maar nee, cho-co-la-de-ei-tjes voor Pa-sen!’
Had aandachtig geluisterd en geknikt. Zei: ‘Ontspan. En. Laaaaat. Los.’ Zegt Joris altijd tegen mij. Vind ik de hel. Vooral “ontspan” werkt als rode lap op stier.
Echtgenoot hoorde eigen woorden in verbijstering aan.
Ik glimlachte. Denk dat Joris roodkleurig textiel voortaan binnensmonds houdt.

Keek op wekker: 01.35 uur. Feliciteerde me met mezelf. Weer jaar ouder.
Kreeg inval: mocht cadeau van Melody openmaken! Sloop in donker op handen en voeten van trap. Naar keuken voor mes. Rosa dolblij alsof ze me vorig jaar voor laatst had gezien.
Afgelopen dagen had ik Mel al geappt en gevist naar inhoud.
ik: Nog VIJF dagen. Is het een geluidsbox?
M: Nee, ze zijn heeeelll stil.
ik: Meervoud!
M: En nooit, maar dan ook écht nooit…achter gaan staan.
ik: OMG wat ben jij erg.
Dag later wrijft ze erin: W88 duurt lang, hè?
ik: Nog DRIE dagen. Zijn het twee paarden?
M: Alléén bij de Germanen. Moeilijk, hè wachten?
Wordt vervolgd.
Ja, ik moest zes dagen wachten. Nu jullie.

In verband met rioolwerkzaamheden ligt kruising (groot woord) vlak bij ons huis open. Is uitvalsweg naar polder/elders. Moet he-le-maal omrijden door dorp. Die keren dat ik in auto zit en halverwege bedenk dat ik moet omkeren…Niet een, of twee, of drie keer, hè?
Rosa vindt omweg voor grote middag-uitlaatronde ook niks. Kop op m’n linkerschouder jankt ze zacht van ongeduld. Baas, waarom duurt het zolang? Rijd eens door, ik moet kakken!

Heb me iets voorgenomen! Ga vaker pure bonbons eten. Kreeg van Joris voor verjaardag doos vol en bedacht: two pieces a day keeps doctor and dentist away.
Niet pralines van Leonidas, maar van Berkhout. Is me raadsel waarom kaasboer bonbons verkoopt, maar krengen zijn van uitstekende kwaliteit en zo groot dat ze amper in één keer in waffel passen.
Heb kleine mond. Orthodontist constateerde dat tien jaar geleden. Als feit!
Man en alle bekenden weten uiteraard beter…
Kan zuinigjes twee happen nemen, maar ik wil propvol gebit. Chocolade lang-zaam laten smelten en dan ontploft inhoud tegen inwendig plafond. Ben voor vijf minuten volkomen analfabeet en onaanspreekbaar. Nu ik daaraan denk: Man is ongetwijfeld te porren voor goede voornemen.

De 102.000
Tot 27 januari worden in voormalig kamp Westerbork 102.000 namen voorgelezen van vanuit Nederland gedeporteerde en vermoorde Joden, Sinti en Roma. Het lezen gebeurt bij de plek waar treinen naar vernietigingskampen vertrokken, en is live te volgen via NOS.
Dit gebeurt eens per vijf jaar; dit jaar is bijzonder omdat Holocaust 75 jaar geleden wordt herdacht.
Heb enkele malen geluisterd naar voorlezen van voornamen, achternamen en leeftijd van mensen. Grootouders, ouders, broers, zussen, kinderen, kleinkinderen…Hele families… Hoe dan? Hoe kónden mensen elkaar dit aandoen?

Post!
Op envelop: “Aan mevr. Kakel-Bont.”
Tssssk. Alsof ik het wel eens bont maak. Vond het getuigen van lef. Stempelautomaat van PostNL sloeg ervan op hol (zie zelf.)
Inhoud: twee blijmoedige kaarten, afkomstig van ons aller blogqueen.
Op achterkant van meest rechtse kaart staat geprint: “Kuise meisjes.”
Vergoelijkend schrijft Riet: “Je bent niet scheutig met foto’s – trek je van de titel niets aan! – maar ik stel me dan maar voor dat je er ongeveer zo uitziet.”
Nou Riet, die zonnebloemen komen aardig in de richting ♥

Lazarus

Keek op de week (86)

Roos en ik gingen naar Amsterdam.
’t Was een wonder, boven wonder, dat Roos in Joris’ auto mocht rijden. Daar is aardverschuiving aan vooraf gegaan. Je had haar ogen moeten zien. En die van Man toen auto weer ongeschonden voor deur stond.
Eerst naar parkeergarage RAI, dan twee haltes met metro, en tien minuten lopen.

In foyer van DeLaMar stonden twee travestieten. Kon ze op gemak bekijken. Heren hadden er werk van gemaakt: goed gelukte pruiken, gezichten als schilderijen door make-up, joekels van oorbellen, bloesje, rok, panty, en pumps maat kajak. Zagen er vrouwelijker uit dan ik, zij het aan grove kant. Leuk dat het kan.

Hadden plaatsen pal in midden, achterste rij van voorste ring. Had geen zin me voor zittende bezoekers langs te wurmen en zei impulsief: ‘‘We klimmen eroverheen.’
Roos gooide lange stelten over dichtgeklapte stoel en ik volgde. Zorgde voor enige consternatie en hilariteit maar daar voelden Kind en ik niets van.

Musical “Lazarus” begon: achter glas speelden zeven muzikanten openingsnummer van David Bowie’s laatste cd Blackstar. Ze speelden de hele voorstelling oorverdovend goed; echt de “Bowiesound.”
Hoofdrolspeler lag midden op vloer, en kwam overeind terwijl hij zong: “Look at me, I’m in heaven.” Alsof forse schare fans herinnerd moest worden aan verblijfplaats van schrijver/muzikant.
Vond het een verwarrend, chaotisch theaterstuk. Zelfs wanneer je voorgaand verhaal (The man who fell to earth) kent van boek of film. Roos en ik waren wel onder indruk van wat er op zowat leeg toneel kan worden neergezet (niet aan attributen.) Eerlijk is eerlijk: ik kwam voor geluid. Vermoeden werd bevestigd: Bowie’s stem is niet te evenaren. Had musical voor goud willen missen!

Omdat Roos reed, mocht zij kiezen waar we onderweg gingen eten. Zij had onbedwingbare hunkering naar Mc. Is tegen mijn principe (plofkip) maar kennelijk geef ik meer om Kind dan principes (-:
‘Zullen we Mc Drive nemen?’ grapte Roos. ‘Wordt papa hélemaal gek. ‘

Totaal afgemat kwam ik thuis. Moest “even” hele week bijkomen van inspanningen, prikkels, geluiden en hoeveelheid  mensen. Voel me nog brak.

Familie Kakelbont is wereldberoemd in ons dorp. Bij PostNL.
Roos zocht vorig jaar zomer vakantiewerk.
‘Zoek iets wat bij je niveau past,’ tipte Man. ‘Bij gemeente, overheid, accountantskan…’
Kind deed oogrol en onderbrak Man: ‘Ik wil iets dichtbij. Iets waar ik mijn hersens niet voor hoef te gebruiken, want die hebben rust nodig.’
‘Wat wil je dan? Vakken vullen?’ snoefde Joris. ‘Daarvoor ben je te oud en je verdient er niets mee. Dat geld kan je zo van mij krijgen.’
‘Ik wil het verdíenen,’ zei Roos opstandig (van wie hééft ze dat? Red.) Ze keek haar vader strak aan en zei: ‘Ik heb al gesolliciteerd en ben aangenomen. Bij Kruidvat.’
‘Ga je vakken vullen?’
‘Oók!’ riep Roos. ‘Ik mag winkel openen en sluiten, en achter kassa. Vroeger had ik een speelgoedkassa. Met nepspullen: muntjes, papiergeld, een creditcard die bliepte, kartonnen boodschappen…en nu mag ik achter een echte kassa. Dat is toch lachen?’ riep ze blij.
Ik gaf Kind pakkerd en feliciteerde haar met vakantiebaan.
‘Het is maar voor 18 uur per week, hè? Ik wil ook nog vrij in mijn vakantie.’
Samenwerking beviel zo goed dat contract t/m eind maart dit jaar is verlengd.
Zo kwam het dat medewerker van Post.Nl pakketten afleverde bij Kruidvat en naar Roos keek. ‘Jij bent toch die Kakelbont die in de Van Dik Hout Zaagt Men Plankenstraat nummer 24 woont?’
Roos knikte en kreeg pakket in handen geduwd.
‘Scheelt mij weer ritje,’ riep bezorger verheugd.
En dat pakket, lieve lezer, is voor mij! Voor verjaardag. Van Melody. Ik mag het pas openen op verjaardag. Zes dagen later!
‘Vind jij zeker leuk?’ appte ik haar.
‘Hihihi. Beetje plagen mag toch wel?’
Nog één dag te gaan…

Heb eerste kerstkaart dit jaar ontvangen. Op 15 januari viel kaart in brievenbus; was gepost op 13/12/2019. Knap staaltje, PostNL.

Meneer Aart is overleden. Zo’n gigant van een dwarse acteur en televisiemaker. Ben groot gegroeid met  Stratemakeropzeeshow. Soms had ik rode oortjes maar wat heb ik gelachen. Net als om zijn rol als postbode Hein Gatje in J.J. De Bom Voorheen De Kindervriend. Hij speelde in Sesamstraat, tot vermaak van Roosje-in-de-knop.
Dankuwel meneer Staartjes. U staat in mijn geheugen gebeiteld. Rust zacht.

Heb post ontvangen! Zie dan hoe leuk:

Annelies in winterland

Maandag
Gehaast zet Annelies de boodschappentas op het aanrechtblad.
‘Schiet op met koken!’ roept haar man ter begroeting. ‘Ik wil 7 uur voetbal kijken, ja!’
Annelies opent de koelkast en pakt een flesje bier. Ze weet al wat ze in de woonkamer zal aantreffen: een onderuitgezakte vent voor de tv.
‘Wat ben je laat!’ Een lawine van scheldwoorden daalt op haar neer. ‘Zeker weer zitten borrelen na het werk?’ roept Joop minachtend.
Hád ze maar geborreld. Haar leven is ingesteld op de kost verdienen en haar man behagen.
Nog vier dagen, murmelt Annelies terwijl ze eten kookt. Vier dagen en dan…

Ze rilt en trekt haar vest aan dat over een keukenstoel hangt. Ondanks het late tijdstip van de dag straalt de zon naar binnen maar het is alsof haar stralen en warmte afketsen tegen de royale ramen in huis. Wat wil je met zo’n diepvrieskist van een man?

Dinsdag
‘Weet jij waar LHC-328 uit sectie 6 gebleven is? Hij zit niet in z’n hok.’ Monica kijkt Annelies vragend aan.
‘Eh…nee, nee, geen idee,’ liegt Annelies. Haar vingers plukken aan haar mondkapje in de hoop dat die haar roze blossen verbergen.

‘Annelies-de-pies! Je bent wéér te laat!’ brult haar man thuis.
‘File,’ fluistert ze terwijl ze hem zijn verkoelende bier brengt.
‘WAT! Altijd met twee woorden praten!’
‘Sssorry. File, Joop,’ verontschuldigt ze zich.
‘Donderdagavond komen de jongens hier eten. Ik heb de auto nodig voor boodschappen.’
‘Maar…maar…ik moet toch naar m’n werk?’
‘Moet ik je het gofferredomme nog een keer uitleggen?’
Annelies kruipt in elkaar als ze ziet dat Joop overeind komt. ‘Ik ga met het OV,’ zegt ze snel.
‘Dat is je geraden! En donderdag overwerken! We willen geen vrouw in of rond het huis!’ davert zijn stem. ‘En neem dat lelijke kolere ding mee! Wacht, ik zal het naar je harses gooien!’

Het is toeval – puur goddelijk toeval – dat Annelies de sneeuwbol met winterlandschap opvangt. Ze beschouwt het als een gunstig voorteken dat haar project zal slagen.

In de keuken denkt ze: nog drie dagen. Drie dagen zijn te doen. Ze trekt haar vest aan waarbij haar gedachten naar de zoekgeraakte langharige cavia 327 gaan. Voor de eerste keer vandaag lacht ze.

Donderdag
Het lijkt maar geen vrijdag te worden, wanhoopt Annelies in de nachtbus. Moe na de lange werkdag stapt ze thuis in bed. Joop is nog wakker.
Haar wekker knippert. De stroom zal eraf geweest zijn. ‘Hoe laat is het?’ vraagt ze.
‘Het is Joop’s tijd!’ gromt haar echtgenoot en spreidt zijn vadsige armen naar haar uit.

Vrijdag
‘Je bent zowaar op tijd!’ schreeuwt Joop vanaf zijn vaste plek voor de tv.
Nu komt het eropaan, denkt Annelies: concentratie en zelfbeheersing.
Uit een keukenkastje pakte ze de sneeuwbol, en uit haar tas een flesje druppels.
Ze heeft lang – heel lang – aan de formule gewerkt en dankzij de cavia en talloze ongeregistreerde ratten weet ze dat ze geslaagd is.
In het lab heeft ze de juiste hoeveelheid druppels in het flesje gedaan en leegt dat in het pijpje bier.
‘Schiet eens op!’ brult Joop. Hij slaat met zijn vuist op de houten leuning van de stoel.
Handenwringend kijkt Annelies toe hoe Joop het flesje aan zijn lippen wil zetten.
‘Wat sta je te staan! Vrouwenhanden moeten blijven gaan!’ roept hij en dirigeert haar met een handbeweging naar de keuken. Annelies verlaat op een holletje de kamer.

In de keuken trekt ze haar lab-jas aan. Die geeft haar altijd het gevoel dat ze iemand is. Iemand die een opleiding heeft gedaan. Iemand die een vak heeft geleerd. Iemand die onderdeel uitmaakt van een team. Een team dat haar op waarde schat.

Ze wacht tot de vijf langste minuten van haar leven voorbij zijn. Dan loopt ze met korte, snelle passen naar de stoel en buigt zich voorover. Hij is leeg. Herstel: hij is zo goed als leeg. Door Annelies’ lichaam trekt een golf van euforie. Het is alsof haar borst van intense vreugde uit elkaar scheurt. Met victorie kijkt ze neer op een driftig millimeter-mannetje dat met twee gebalde vuistjes boven zijn hoofd ongetwijfeld iets lelijks roept.
Annelies lacht alle spanning eruit, gaat op haar knieën zitten en opent de sneeuwbol. Met een pincet pakt ze het mannetje vast, propt ‘m in de bol, schroeft die weer dicht, en zet de bol op de vensterbank.

Tevreden ziet ze hoe de kleine Joop naar boven zwemt om adem te halen. Als hem dat is gelukt, schudt Annelies het sneeuwlandschap heen en weer. Alle opgekropte woede laat ze los op de bol. Ze zet ‘m weer neer en ziet hoe schuim en vlokken zachtjes neerdalen. Joopje heeft zich geprobeerd vast te klampen aan de top van een  dennenboom maar die is geknakt.
Annelies steekt haar tong uit en houdt ‘m pal voor de bol. Het zal het laatste zijn wat Joop ziet voordat hij door gebrek aan zuurstof wordt overmand.
Het is alsof Annelies de winterse kou langzaam in zich voelt ontdooien.

Drooglegging

Keek op de week (85)

Heb kluts terug. Eerste week van 2020 is alweer voorbij.
Wat een begin: wereld staat (nog steeds) in brand en niet alleen in Australië…

Mijn goede voornemen is ieder jaar zelfde: doe ik niet aan. Slecht voornemen lijkt me veel leuker maar kan niets verzinnen. Iemand een idee?

Januari heet voortaan Dry January omdat velen (trachten te) stoppen met plempen van wijn/alcohol. Goeie actie. Doe ik van harte aan mee. Overige elf maanden van jaar ook. Vanwege medicijnen, hè? Anders wist ik het wel: een Campari met alléén ijs, graag. Ben speciaal naar cursus geweest om drankje in vloeibaar Italiaans op Sardinië te kunnen bestellen.

Als we toch goed bezig zijn, zullen we vuurwerk ook meteen droogleggen?
Wist op Nieuwjaarsdag niet wat ik hoorde. Niets. He-le-maal niets. Alle oorlogsgeweld verdwenen. Vuurwerk een traditie? In de hens ermee. We zijn tenslotte ook gestopt met heksen verbranden.
Hear hear: Rotterdam kondigt als eerste grote stad algeheel vuurwerkverbod aan.

‘Mag ik uw legitimatie zien?’ vroeg jongeman achter kassa.
Legitimatie? Voelt die gast zich wel lekker of ben ik impel-stimpel-stapel-gek? Scande boodschappen: groente, pasta…ahhh…de rode wijn. Dacht eerst: charmeur. Doet-ie met iedere vrouwelijke klant. Edoch, corrigeerde mezelf. Dóet iemand eens aardig, is het weer niet goed. Ik lachte. Uitbundig.
Vroeg: ‘Zit je nog op school of werk je al?’

Man gooide vraag in groep: ‘Hoeveel denken jullie dat dit bakje – plusminus 150 gram – makreelsnippers bij visboer op de markt kost?’
Roos en ik hingen allesbehalve aan Joris’ lippen. Ik werd opgeslokt door nieuwste boek van Jo Nesbø en Kind keek languit op bank naar film op smartphone.
Op verveelde toon bood Roos 4,50 euro.
Joris keek zuinig.
Ik stak vijf vingers op.
Zelfde zuinige blik
Bij gebruik aan verdere belangstelling zei Man: ‘Zal ik het dan maar zeggen?’
Roos en ik hielden onze adem in.
‘6,50 euro! Is toch schandalig? Koop ik voortaan niet meer.’
Zei: ‘In de vorige eeuw gaf je het uit aan shag/sigaretten. Kun je er beter vis voor kopen.’
Vond Man wel goed punt.

Huistelefoon ging. Onbekend nummer dus liet ‘m rinkelen. Telefoon ging weer. Realiseerde me dat het een nieuw apparaat was waar wij nog bekende nummers in moesten voeren, dus nam op.
‘Goedemiddag met Bart Vermeulen van firma Habidaan.’
Zocht spelonken van interne geheugen af, zonder resultaat. En Bart Vermeulen vond ik vreemde naam voor iemand met Turks accent.
‘Ken ik niet,’ zei ik, en wilde ophangen.
‘Wij hebben een openstaande factuur die u nog moet betalen.’
‘Ik denk dat u het verkeerde nummer heeft gebeld. Wij hebben niets besteld.’
‘U moet factuur betalen!’ riep Bart-met-Turks-accent boos.
Raar, kreeg ineens zin in gesprek.
‘Stuur maar naar afleveradres.’
‘Mag ik uw adres?’ vroeg tegenpartij. ‘Het is slecht leesbaar.’
Precies wat ik dacht: een hengelaar naar informatie. Lachte man uit. ‘Hahaha, nee, meneer.’
‘Dan moeten wij uw factuur doorsturen naar advocaat.’
‘Dat kan pas wanneer wij een factuur én twee aanmaningen hebben gehad. Veel succes zonder adres.’
‘Mag ik uw e-mailadres?’ bedelde man.
Lachte nog harder. ‘U krijgt niets van me,’ zei ik. ‘Ja, toch. U kunt de zenuwen krijgen.’
Man bedankte me niet eens.

Ontving handverwarmende kaart met wollen wanten van Marjatta uit Finland.
My husband Anne is Dutch so I am familiar with Nederland. We regularly visit Anne’s sister in Vinkeveen. Met vriendelijke groet, also for your pet.
Nice toch?

Sloerietoetje

Keek op de week (84)

Laatste week van jaar is tevens de vreemdste. Ben almaar kluts kwijt welke dag het is.
Hoe dan ook: nog één dag en dan is 2019 geschiedenis.

Was eerste kerstdag gezellig, joh, bij ons thuis. Roos maakte voor familiediner toetje tiramisu. Bakte zelf lange vingers maar deeg was te dun en liep uit. Nijdig flikkerde ze alles in afvalbak. Omdat sfeer met bijl te klieven was, vertrok ik naar boven en haar vader met Rosa naar buiten.
Tweede lichting vingers was luchtig en krokant.
Eindresultaat leverde Kind veel likes op aan tafel.
Om glas tiramisu dat overbleef werd ware veldslag geleverd.
‘Een getal onder de tien.’
‘Acht.’
‘Dat is het goede antwoord.’
‘Ja, nee, ik wilde óók acht zeggen!’
Werd sloerietoetje: liefhebbers lepelden gezamenlijk glas leeg.

Vóór familiediner begon, was er familiequiz. Georganiseerd door Roos en Kim. Met powerpont via Beamer. Algemene kennis ronde, tweemaal muziekronde (raad de intro…) een filmronde…
Groepje waar ik in zat, lag zes rondes aan kop maar werd in laatste ronde getackeld door groepje van Man. Volgend jaar revanche!

Met ingang van 2020 stopt plaatselijke ijsclub met maandelijks ophalen van oud-papier. Levert te weinig op en er zit veel waardeloos karton tussen.
Nee, dan 1974! Wanneer ik 200 kilo oud-papier ophaalde, leverde dat in manege één uur gratis rijles (ter waarde van acht gulden) op. En mijn vader maar heen en weer rijden in onze groene kever…

Ging samen met Roos naar favoriete tent om iets te drinken.
Er zat geen koekje bij verse muntthee. Ik zuchtte.
‘Niet om vragen,’ zei Kind, en wierp me een je-zet-me-niet-voor-lul-blik toe.
‘Heeft u een koekje voor me? riep ik de serveerster na.
‘Hoor eens,’ zei ik tegen Roos, ‘ik heb suiker geschrapt, eet nérgens koekjes, maar dit ene speciale koekje wil ik.
Kind hield bierkaart voor gezicht. En haar neem je dan mee voor de gezelligheid…

Soms ben ik bang dat ik gek zal worden of dat ik krampachtige zenuwtics ga ontwikkelden zoals nagelbijten, knarsetanden of tegels tellen.
Of dat ik net zo impulsief reageer als ik denk. Dat ik zó graag een rotonde linksom wil nemen, dat ik het doe.
En toen las ik in tijdschrift in ziekenhuis: “Iedereen heeft wel iets. De enige normale mensen zijn de mensen die je niet goed kent.”
Iedereen wijkt dus beetje af. Niet gek zijn, dát is pas bijzonder!
Niemand is normaal. Heerlijk toch? Is dat geen fantastisch nieuws op valreep van oude jaar?

Lieve lezers
Bedankt voor jullie trouwe bezoekjes, aanmoedigingen, en warme reacties op mijn blog. Jullie appjes, kaarten, e-mails en cadeautjes. Ga daar vooral mee door.  Dat we lief zijn voor elkaar in het nieuwe jaar, en dat het beste van 2019, het slechtste mag zijn in 2020!

Weinig welbehagen…

Keek op de week (83)

Kwam maandagochtend beneden en zag dat Roos kerstboom had versierd. Van boven tot onder. En ze had waslijn met kleding van kerstman opgehangen. Nu nog cadeautjes onder boom!

Gaf voorrang aan twee tegenliggers bij passeerstrook. Derde tegenligger – busje van rioleringsbedrijf op twintig meter afstand – remde af en zette op laatste moment turbo aan.
Moest klem op m’n rem.
Impulsief trakteerde ik bestuurder op twee gestrekte middelvingers. Hoor eens: kerst heeft ook twee dagen.
Kerel kon ze goed zien – hij zat hoog – en draaide meteen raam naar beneden.
Ik zette cd harder alvorens ik venster omlaag bewoog. Zag mond van man bewegen. Deed me denken aan vis op droge. Draaide met wijsvinger rondjes bij m’n oor, haalde m’n schouders op en maakte handgebaar: ik versta je niet.
Man zijn gestreste hoofd kleurde rood vanuit zijn dikke nek; zijn wenkbrauwen vormden één streep. Nijdig sloeg hij armen over elkaar en dacht: laat ik dat vrouwtje toch langer wachten.
Vond het prima: had geen haast en er stond fijne muziek op. Checkte lippenstift in achteruitkijkspiegel. Omdat ik nooit lippenstift draag, zit-ie altijd goed. Gaapte wat.
Bus claxoneerde.
Ik keek verveeld naar rechts waar in weinig bijzonders zag want dwarse vent stond links.
Bij uitblijven van mijn reactie, gaf bestuurder dot gas. Hij gaf het op. Wist ik toch.

Opgebrand na uur winkelen, voelde ik me door voorgaande vreselijk verdorven vrouw.
Zag soldaat van Leger des Heils op markt staan. Hij was al aan het opruimen.
Zei: ‘Ik hoef niet per se een Strijdkreet, meneer,’ en duwde groen briefje door gleuf geldbus.
Oude man – met van kou waterige ogen – bedankte me en nam tijd om leesblad in m’n boodschappentas te stoppen.
Wenste hem fijne dagen.
Hij dacht vast dat ik vriendelijke vrouw ben.
Kun je zo’n man niet kwalijk nemen.

Deed twee dagen later boodschappen in buurtsuper. Moest wel want thuis eten ze alles op.
‘Wat ik niet begrijp,’ zei vrouw in zwarte kledij tegen haar in grijs gehulde vriendin, ‘is dat Freer en ik ieder jaar ruzie krijgen door die klote kerstboomlampjes. Die dingen raken eeuwig in de knoop en als de kluwen is ontward, branden ze niet! Waarom bestaan er geen draadloze kerstlampjes?’
Tegelijkertijd dat vrouw vraag stelde, wrong ze zich voor mij langs, deed diepvriesdeur open en klauwde er zak dikke Vlaamse frieten uit.
Terwijl opgedirkte tuthola zag dat ik stond te wachten, gooide ze deur dicht.
Grijze vriendin zuchtte, zei dat ze het ook niet wist en stelde voor elk jaar nieuwe lampjes aan te schaffen.
Ik pakte zak knapperige kreukelfriet uit kast, wilder verder lopen, maar dames stonden dermate breeduit in pad, dat ik er niet langs kon.
Kreeg zin om in deze vredelievende periode het vel van hun hielen te rijden maar dat is lastig als je inkopen doet met sleurmandje. Gaf ze de stare. Had Rico zelfde blik aan Badr laten zien, had laatste niet deelgenomen aan kickbokswedstrijd. Vrouwen gingen opzij.
Voordat ik erlangs glipte zei ik: ‘Het is zó simpel. Dé kerstlicht-ontwarring-tip: wikkel ze om een stevig stuk karton, en voordat je ze er volgend jaar afwikkelt, eerst even stekker in stopcontact steken.’
Monden van vrouwen vielen op grond. Als ze ze niet hebben opgeraapt, liggen ze er nu nog.

Deelder is dood.
24 november jl. vierde hij nog z’n 75ste verjaardag in de Doelen.
Rotterdamser dan Deelder, kan niemand worden. Zijn dichterlijke hart sloeg voor Sparta. Logisch, als je vader je eerst inschrijft als lid van deze voetbalclub, en pas daarna naar burgerlijke stand gaat om je geboorte aan te geven.
Als grootverbruiker van speed en gin, vond Deelder het zelf een wonder dat-ie 75 was geworden.
Zijn gedichten sieren gevels, metrostations, vuilniswagens en menig straathoek. Langste gedicht van Nederland staat in de Maastunnel: het gedicht voor zijn dochter Ari.
Rust zacht, Jules.