Keek op de week (221)

Het sneeuwde dikke vlokken. Op Tiendweg stopte auto met aanhanger voor veevervoer. Man stapte uit; zijn jas hing open.
Hij knikte gedag terwijl onderste helft van zijn laarzen wegzakten in sneeuw. ‘Ik verdwijn er zowat tot mijn oksels in,’ lachte hij. ‘Autorijden ging nog net zonder sneeuwkettingen.’ Zijn gezicht zei dat hij weersomstandigheden amusant vond. ‘Je bent in goed gezelschap.’ .
‘Dit is onze witte labrador,’ stelde ik Rosa voor.
‘De verschrikkelijke sneeuwhond,’ schaterde Boer. ‘Wij hebben twee zwarte labs. Mijn trouwste vrienden: ze ruilen me in voor een stuk kaas.’
Was het hartstochtelijk met man eens. ‘Gaan de dames naar stal?’ knikte ik naar wandelende wolbalen achter hek.
‘Schapen staan liever buiten dan op stal, maar ja, met vorst lopen ze de sloot over en gaan ze zwerven, en eind januari gaan ze lammeren. Dat bruine schaap daar rechts achteraan heeft de broek aan. Net als ik thuis,’ zei Boer.
‘U heeft het goed voor elkaar,’ complimenteerde ik hem.
‘Die ondergesneeuwde bult is een hooibaal. Schapen krabben met hun poten liever de sneeuw weg, zodat ze gras kunnen vreten, de verwende nesten.’
‘Keihard soort met hun buik vol pootjes. Ik ga ervan uit dat u voor de dames iedere dag vers gras plukt,’ grapte ik.
‘Ga ik zeker doen,’ grapte Boer terug.
Telefoon ging. Een onbekende beller! Eerste reactie was: scheer je weg of ik druk je weg. Maar ja, het kón verzorgingstehuis van Schuifeloudje zijn.
Nam op.
‘Goedemiddag, u spreekt met fraudeafdeling van bank. Er zijn verdachte transacties op uw rekening gesignaleerd. Door op een link…’
Regel 1: De bank belt nooit.
Blokkeerde nummer.
Had liever gevraagd: ‘Namens welke bank belt u? Wat zijn de laatste 5 cijfers van mijn rekeningnummer? Om wat voor transacties gaat het? Zijn er grote bedragen gecrediteerd? 6 x 100.000 euro? Dat zou ik geen verdachte transactie willen noemen.’
Dagdroom viel in gruzelementen. Bank had – bij vermoeden van fraude – mijn account reeds geblokkeerd. Nee, banken maken het niet leuker.
Kwam van markt. Had Rosa kort aan riem en aan binnenkant lopen. Stak weg over, stapte stoep op, brullende SUV kwam hoek om scheuren en reed me finaal van sokken. Sprong net op tijd voor wielen vandaan achteruit wegdek op. Had Rosa links gelopen, was ze haar achterkant kwijt geweest.
Automobilist parkeerde auto bij pizzabakkerbus.
Ik schreed voorbij en zweeg. Mijn ogen spraken encyclopedie-delen.
‘Je hoeft niet zo te kij…’
‘Telefoneren en sturen gaat niet tegelijk, hè?’ onderbrak ik kerel.
‘Je gaat me toch niet vertellen dat het mijn schuld…’
‘Natuurlijk is het jouw schuld!’
‘Kijk dan uit waar je loopt!’ blafte man me toe.
‘Schei toch uit. Je reed telefonerend over de stoep! Twee overtredingen binnen bebouwde kom.’
‘Je verbeeldt je nogal wat.’
‘Nee hoor, ik heb gelijk. Is iets totáál anders. Alleen moet je een vent zijn om dat toe te durven geven.’
‘Wat heb jij aan je hand?’ vroeg meisje. Ze had bruine ogen en wipneusje.
Rechts zat een onderbroken streep over lengte van mijn hand. ‘Dat deed mijn hond per ongeluk met haar nagel. We waren aan het spelen.’
‘Doet het pijn?’
‘Ik voel er niets van. Jij hebt een mooie Elsa-pleister op je hand. Heb jij pijn?’
Meisje drukte uiteinden van pleister die omkrulden plat met haar vingers. Ze schudde lachend nee. ‘Pleister was van mijn zus…hij zat op haar knie. Ze had ‘m niet meer nodig en ik vond het zonde om ‘m weg te gooien.’








