De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen

P1090506 - kopie

Houten fietsbanden, wie heeft er niet van gehoord? Omdat de rubberproductie in de Tweede Wereldoorlog stilviel, werden fietsbanden schaars, en hout bleek het meest geschikte vervangingsmiddel.

Tijdens de tentoonstelling: “De Tweede Wereldoorlog in 100 voorwerpen,” kwam ik oog in oog met een fiets met dergelijke banden te staan. In mijn hoofd schoten klepjes met herinneringen omhoog.

Mijn oma…
vroeg aan mijn moeder of ze haar houten poppenstoeltje mocht ruilen voor eten. Met nog meer ruilgoederen stapte oma op haar fiets met houten banden, en reed vanuit Rotterdam naar Brabant. De tocht leverde een fortuin op: een flinke worst, aardappelen, meel en wat eieren.

Bij de Moerdijkbrug werd ze aangehouden door een Duitser. Als ze het voedsel inleverde, mocht ze verder fietsen, zei hij. Mijn oma’s bloeddruk steeg. Wat dacht die man wel niet? Hij stond brood met beleg te eten en haar kinderen hadden van de honger geen ontlasting. Haar handen jeukten. Ze wierp hem een uitermate onvriendelijke blik toe, schudde dreigend met de worst in haar grote vuist, en ging er vandoor. Een wonder dat ze de tocht heelhuids volbracht heeft. Zelf at ze geen hap gekookte aardappel; maar nam ze genoegen met de schillen die ze in een koekenpan bakte.

Mijn opa…
werd in in november 1944 verrast toen de nazi’s de grootste razzia van de oorlog uitvoerden. Vlak voor de Duitsers het huis van mijn grootouders binnenvielen, wist hij zich te verstoppen.

Mijn moeder…
zag de zoektocht van een afstandje aan, en toen de Duitsers mijn opa niet konden vinden, liep ze in haar onschuld naar de plek waar hij zich verstopt had. Mijn opa had het geluk dat-ie te oud was om als slaaf afgevoerd te worden.

Mijn vader…
(ook een Rotterdammer) had het zwaar tijdens de steenkoude Hongerwinter van ’45. Hij kon niet slapen van de pijn in zijn buik van de honger. ‘Doe maar een knoopje in je mond,’zei mijn oma, ‘dan is het net of je op een zuurtje zuigt.’ Mijn vader heeft de oorlog overleefd door suikerbieten te eten.
Mijn familie heeft geluk gehad. Op een jonger broertje van mijn vader na, heeft iedereen de oorlog overleefd.

Zo heeft iedereen een (overgeleverd) familieverhaal. Wat is het jouwe?